De krant die je leest van A tot Z
Donderdag 23 november, 2017

zondag 26 november 2006

Nieuws:

Haren geschokt door overlijden Fijke Liemburg

Door: Redactie

In Haren is geschokt gereageerd op het overlijden van Fijke Liemburg. Op de website van de PvdA in Haren, waarvoor Fijke Liemburg zich al sinds 1978 heeft ingezet, staat een interview te lezen met de oud-wethouder. Dit interview is in oktober 2003 afgenomen door Wopke Roorda en geeft een mooi overzicht van Liemburg’s loopbaan en leven tot dan toe.Tekst interview uit 2003, overgenomen van de website van de PvdA afdeling Haren.

Fijke Liemburg

Het is bij velen inmiddels bekend dat onze wethouder, Fijke Liemburg 25 jaar lang actief is in de gemeentelijke politiek: in september 1978 werd hij geinstalleerd als lid van de raad. Onze gelukwensen met dit jubileum vergezellen hem! Dit jubileum was voor de redactie van het Harener Weekblad aanleiding, hem te interviewen (H.W. van 4 september 2003). Wij willen nu in dit interview de accenten op wat andere zaken leggen.

Tuindorp
Fijke werd in 1952 geboren in Tuindorp, de wijk die in het begin van de vorige eeuw door de Spoorwegen werd opgezet en waar, ook aanvankelijk in de naoorlogse jaren, nog veel spoormensen woonden. Velen waren lid van de toenmalige Vervoersbond NVV; Fijkes vader was secretaris van de Harense afdeling van die bond. Tuindorp was die in tijd een sociale buurt met veel saamhorigheid; er woonden vele hard werkende mensen, aldus Fijke. Dat drukte een duidelijk stempel op deze Harense wijk.
In dat oude Tuindorp was de – nog steeds bestaande en zeer actieve – Buurtvereniging van groot belang. Deze exploiteerde o.m. een speeltuin, ergens tussen de Blekenweg en de Tuindorpweg. De kinderen van Tuindorp speelden daar en Fijke dus ook. Leden van de Buurtvereniging voerden het onderhoud uit, ouders hielden toezicht, de kinderen werden o.m. gestimuleerd in creatieve handvaardigheid (o.a. door wijlen Geert Jobing); hun producten stelde men tentoon in het Buurthuis.
Uiteraard heeft Fijke de Tuindorpschool bezocht. Wat zijn verdere opleiding betreft moet vastgesteld worden, dat Fijke iemand is die zeer duidelijk heeft geprofiteerd van het tweede kansonderwijs. Na de lagere school begint hij het volgen van voortgezet onderwijs op de toenmalige Linnaeus-mavo (gevestigd in het schoolgebouw, waar nu het Clockhuys is). Na 3 jaar kreeg hij een getuigschrift en vervolgde zijn opleiding op de toenmalige Van der Laanschool, een L.T.S., in de stad. Hij moest maar elektricien worden, een vak waarmee geld te verdienen viel, volgens zijn ouders. Na 2 jaar was hij gediplomeerd.

Baantjes en studie
Er volgde nu een periode van allerlei baantjes, die begon bij installatiebureau Berghuis te Haren, daarna een paar jaar als uitzendkracht bij de CCF (condensfabriek) te Leeuwarden, waar Fijke o.a. inkopen regelde voor het magazijn van deze fabriek. Tussendoor heeft hij een jaar gestudeerd voor de functie van marconist aan de hogere Zeevaartschool te Groningen. Daarna weer heel wat anders: een vaste baan bij de firma Dijka in Steenwijk, een fabrikant en toeleveringsbedrijf van pvc-leidingen en -buizen voor de bouw. “Vanuit dit werk heb ik de ontwikkeling van de wijk Beijum in de stad van dichtbij meegemaakt.” Per dieplader (met groot rijbewijs!) vervoerde Fijke de Dijka-producten van Steenwijk naar de stad.
In dit tijd ontstond bij Fijke duidelijke interesse voor maatschappelijke vraagstukken en aspecten, daartoe gestimuleerd door mensen uit zijn omgeving. Hij ging een opleiding voor maatschappelijk werk volgen (mbo en hbo niveau). Er zijn dan verschillende richtingen in zon studie; Fijke interesseerde zich aanvankelijk met name voor de arbeidstherapie-opleiding. “Hier, in deze omgeving, ontdekte ik mijn kwaliteiten.”
In het 3e studiejaar (er was sprake van een parttime opleiding en hij volgde deze naast zijn inmiddels eveneens parttime baan bij Dijka) begon hij een stage van 20 uur per week, in Groningen. Dat was bij de instelling voor maatschappelijk werk die thans “Noorderbrug” heet. “Het was een perfecte stageplaats; mijn werkzaamheden richtten zich op de groep lichamelijk gehandicapten en hun woonvormen en activiteiten.”
Na beeindiging van de 4-jarige opleiding volgde een nadere specialisatie, gericht op psychiatrische patienten en hun behandeling. Fijkes eindscriptie behelsde ook deze problematiek. In die tijd was bij de Stichting Licht en Kracht te Assen sectorhoofd en docent Jan Kok die ook bestuursfuncties binnen de P.v.d.A. bekleedde, die hem in 1981 adviseerde, te solliciteren bij genoemde stichting. Dit leidde tot een benoeming en vanuit zijn functie daar tot de start van verschillende projecten, veelal met als doelstelling resocialisatie. Het lot van de mensen in deze instelling ging Fijke zeer ter harte. Hij werkte, naast de reguliere werkzaamheden, mee aan allerlei speciale activiteiten, zoals uitstapjes en vakanties voor de patienten.

Politiek
De belangstelling voor de politiek kwam bij Fijke steeds nadrukkelijker in beeld. Vanuit z’n ouderlijk huis werd dat overigens nogal gestimuleerd (“met de paplepel ingegoten!”). Ook zijn rol binnen de vakbeweging lag in het verlengde daarvan. Zo werd hij vrij snel lid van de Ondernemingsraad bij Dijka en bij Licht en Kracht was hij 7 jaar lang secretaris van de O.R. En dus, zoals reeds vastgesteld, vanaf 1978 lid van de gemeenteraad van Haren. In die beginjaren was er sprake van het zogeheten PAK, het progressief akkoord, een samenwerkingsverband tussen P.v.d.A., D 66 en de P.S.P.. Fijke houdt positieve herinneringen over aan met name de toenmalige wethouder (later lid van de Tweede Kamer) Olga Scheltema. Die D 66-groepering “was destijds progressiever dan de wat gezapige P.v.d.A.- groep binnen het PAK. Verder had ik wel wat P.S.P.-sympathieen, vanwege hun pacifisme.” Maar hij had al eerder voor de P.v.d.A. gekozen en dat bleef zo.

Fijke heeft, ondanks z’n werk elders, vrijwel onafgebroken in Haren gewoond. Een opmerkelijk feit: hij was in Haren de eerste kraker, toen hij een klein, leegstaand huisje ging bewonen aan de Kerklaan, naast de huidige Muziekschool! Hier woonde hij geruime tijd. In verkiezingstijd werden de ramen letterlijk volledig bedekt met P.v.d.A.-posters.
Sedert 1994 is Fijke wethouder en in de huidige collegeperiode heeft hij in zijn portefeuille: sociale zaken, onderwijs, jeugdbeleid, milieu, kunst & cultuur, ontwikkelingssamenwerking, recreatie & toerisme, emancipatiebeleid en allochtonenbeleid.
Na moeizame onderhandelingen (mede in verband met de voor de P.v.d.A. teleurstellende verkiezingsuitslagen bij de laatste raadsverkiezingen) is het thans fungerende college dan toch tot stand gekomen. Dit college kreeg ook te maken met de invoering van het duale stelsel, waarbij de raad voornamelijk een controlerende functie heeft en het college meer op hoofdlijnen bestuurt en waarbij de fractie en de wethouder beiden een meer zelfstandige positie bekleden.
Er moet binnen deze constellatie een werkbare relatie met de fractie worden gevonden. “Ik zie dat als een groeimodel”, aldus Fijke. “Het bijwonen van fractievergaderingen is niet langer een automatisme. Ik laat me uitnodigen en dat geldt ook voor de fracties van de andere partijen.” Wel is er ongeveer eens per maand werkoverleg met de eigen fractievoorzitter, Anje Toxopeus. “Dat betreft dan in het bijzonder zaken in verband met mijn eigen portefeuille en meer algemene politieke zaken. Daarnaast is er zo nu en dan overleg met andere leden van de fractie. Je bent in dit duale bestel toch wat duidelijker een bestuurder.”
We hadden een boeiend gesprek en de interviewer is in ieder geval tot de conclusie gekomen, dat het tweede kansonderwijs in dit land en in het bijzonder met betrekking tot onze wethouder Fijke Liemburg een belangrijke functie heeft vervuld!

Wopke Roorda
oktober 2003

Bron: www.pvdaharen.nl

Geen reacties

Wilt u reageren?




Wij plaatsen alleen inhoudelijke reacties. Reacties met voornamelijk slogans en kreten worden niet gepubliceerd.