Column Ageeth Vanderveen (september 2016)
(Ageeth werkt in de hulpverlening)
‘Ik wil gewoon gerechtigheid’, verklaart moeder. Om die reden heeft zij een procedure aangespannen tegen haar ex. HIJ is er vandoor gegaan met een jong ding, zijn assistente, en heeft haar en hun dochter achter gelaten. ZIJ heeft bij de geboorte van deze dochter haar baan opgezegd om haar te kunnen verzorgen omdat zij geen kinderen gekregen heeft om iemand anders ervoor te laten zorgen.
En nu zit zij hier tegenover mij, berooid en wraakzuchtig. Vader vindt haar een ouwe zeur en is niet van plan om ook maar een cent te gaan bijdragen aan haar onderhoud: ‘moet ze zelf maar gaan werken’, maar ja, moeder wil wel maar is te lang uit het arbeidsproces geweest.
Een uitkering krijgt ze niet, want vader is te draagkrachtig. Hij is dierenarts en heeft een dikke portemonnee, maar hoe krijgt ze haar aandeel er uit zonder in een gevecht te belanden? Zij moet een advocaat of het LBIO inschakelen.
In haar situatie krijgt ze gratis juridische bijstand, maar hij moet nu ook een advocaat inschakelen en hij moet het wel zelf betalen. Dat is olie op het vuur, maar dat heeft moeder er voor over. Want zij wil gewoon gerechtigheid.
Ze is zo teleurgesteld, haar wereld ligt aan gruzelementen. Ze had het zich anders voorgesteld: ‘huisje, boompje, beestje’, zegt ze cynisch. Zo was het haar van jongs af aan voorgespiegeld, dit ideaalbeeld. En nu heeft ze gefaald en groeit haar dochter op in een vechtscheiding.
Zij voelt zich met de nek aangekeken door de maatschappij, ze kan geen kant op met haar verhaal, ze voelt zich veroordeeld omdat ze alleen maar moralistisch gepreek krijgt: ‘wanneer ouders zijn gescheiden, zijn ze dan geen partners meer, maar moeten ze wel ouders blijven’. Gebeurt dit nu niet, dan is het haar schuld, want zij heeft de vechtscheiding aangezwengeld. En als het dan toch een individuele strijd wordt, dan moet het maar zo. Zij is er klaar voor.
Geen reacties