LIEGEN en BEDRIEGEN.
Vele jaren van harde oppositiebanken. Men hoorde je wel maar luisterde niet. Wat je ook zei, waar je ook mee kwam, altijd werd het afgewezen omdat er een coalitie aan de macht was die jou niet pruimde. Je raakte verbitterd en droomde van verandering en van macht; jij zou het beter doen. En die kans kwam; omstreden plannen werden dankbaar aangevallen en mensen kregen hoop dat jij het tij zou kunnen keren. Dat je niet zo’n sympathieke indruk maakte en eigenlijk van de verkeerde partij was, deed er eigenlijk niet toe. Uit protest tegen enkele plannen stemden ze massaal op jou. Dat voelde heerlijk; werken in het centrum van de macht. Ambtenaren moesten noodgedwongen naar je luisteren en je opdrachten uitvoeren, waar ze je eerder negeerden. Een eigen kamer met een zachte stoel; belangrijk geworden en met een prachtig salaris. Maar het tij keren bleek toch wat moeilijker dan gedacht. Overal begon het te kraken en je voelde in de loop der jaren de teleurstelling om je heen. Zo erg, dat je begon te vrezen voor je comfortabele positie die zo goed beviel en die verliezen? Dat nooit. Zeker weer terug als ambtenaar naar de gemeente Groningen? Kom nou toch, dat is inmiddels te min. Met een beetje geluk zou je het nog nét kunnen redden, want ook je tegenstanders maakten fouten. Toen kwam dat rapport, vlak voor de verkiezingen. Het is echt onvoorstelbaar dat iemand die het vertrouwen van een grote schare kiezers geniet, dat willens en wetens schendt. Het eigen belang ging voor de eerlijkheid. Gewoon even een onwelkom rapport verdoezelen en net doen of er niets gebeurd is. En maar denken dat niemand er achter komt; hoe naïef kan je zijn. Gewoon proberen je eigen baantje over de verkiezingen heen te tillen en dan later proberen recht te praten wat nog krommer dan krom is. Maar wat nog erger is, het voltallige college van B&W; de burgemeester, drie wethouders en de gemeentesecretaris werden er bij betrokken. Ook zij zwegen en vonden het blijkbaar niet erg dat er op grote schaal kiezersbedrog gepleegd werd. Niemand bedacht dat ze totaal verkeerd bezig waren. Niemand zei tegen de wethouder(s) dat zoiets een politieke doodzonde is. Daar stonden ze dan; groot afgebeeld bij de ingang van het gemeentehuis. Nog net geen standbeeld, maar dit begon er op te lijken. Vol vertrouwen, maar niet té vertrouwen zoals zou blijken. Collectief schuldig en wetend dat ze de kiezers bewust zouden gaan bedotten bij het uitbrengen van hun stem. Andere partijen met andere ideeën werden daarmee eveneens op het verkeerde been gezet en gedupeerd met de verkiezingsuitslag. De kansen van de democratie om zeep geholpen door manipulatie. Het interesseerde ze niets. Ouderwetse Oostblok mentaliteit. En nu het uitgekomen is er de consequenties uit trekken? Ik denk het niet. Ik hoor het ze al zeggen: “Het verdient niet de schoonheidsprijs. Het had anders gemoeten. We hebben niet bewust de kiezers misleid. We moeten lering trekken uit het verleden om niet weer dezelfde fouten te maken.” Enz. enz. Wollig taalgebruik, maar niet toegeven hartstikke fout te zijn geweest en er zelf de conclusie aan verbinden uit beeld te verdwijnen. Maar neen, ze zitten nog gewoon in de raad en hun politieke vrienden en partijgenoten kijken de andere kant op. Die zullen wel niets doen want wellicht zaten ook zij in het complot. En wat hebben ze nu verzonnen? Ze doen het voorstel om zelf even te onderzoeken hoe het gegaan is. Even de feiten bijstellen zeker. Dat zulke mensen nog op een normale manier en schaamteloos door het dorp durven te lopen. Zouden ze zich echt niet schamen en excuses aanbieden? Ik vrees van niet.
Cees Bosman, oktober 2010. Reageren? cornelisbosman@hetnet.nl
14 reacties