Lintjesregen in Haren: vier onderscheidingen
Vandaag heeft burgemeester Mark Boumans vier mensen een lintje opgepeld uit naam van HM Koningin Beatrix. Hieronder treft u hun verhalen en verdiensten aan.
De heer Pieter Jacob Doornbos ontvangt donderdag 29 april om 11.00 uur een Koninklijke onderscheiding uit handen van burgemeester Boumans. De koningin heeft hem benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Van beroep is de heer Doornbos landbouwer. Daarnaast participeerde hij 60 jaar lang in allerlei besturen. In 1999 richtte hij het SNS Fonds Eemsmond op. Hij is daarvan nog steeds voorzitter.
Het SNS Fonds wil maatschappelijke initiatieven ‘dicht bij huis’ graag ondersteunen. Projecten gericht op de verbetering van de regionale of lokale samenleving in de regio kunnen een beroep doe op het fonds. De heer Doornbos is actief betrokken bij ruim 125 projecten die jaarlijks de revue passeren. Hij is nog altijd 1 tot 2 dagen per week vrijwillig actief bezig voor het fonds. Mede door zijn inspirerende drive en deskundigheid is het Fonds bezig om een zilvercollectie uit de regio Eemsmond op te bouwen, zodat waardevolle stukken niet naar elders verdwijnen. Een deel van de collectie is in bruikleen bij Museum Stad Appingedam.
Zo’n 60 jaar participeerde de heer Doornbos in allerlei besturen. Bijzonder is dat hij zich op zeer verschillende terreinen begaf en regelmatig het initiatief nam tot oprichting van een organisatie. Hij stond aan het roer van beroepsgerichte activiteiten en zo organiseerde hij ook (internationale) agrarische reizen. Hij was actief in basisscholen, waterschappen, bij spaarbanken en dorpsverenigingen. De heer Doornbos wordt geprezen om zijn grote kennis van zaken en hij is nog steeds een voorbeeld en stimulans voor velen om zich ook dienstbaar te maken in onze maatschappij.
Pieter Jacob Doornbos is momenteel 82 jaar en nog altijd actief als voorzitter van het SNS Fonds Eemsmond. Als het aan hem had gelegen zou hij nog meer functies vervullen, maar de meeste organisaties hanteren een leeftijdsgrens. De heer Doornbos kijkt naar wat hij voor de maatschappij kan betekenen. Daar heeft hij altijd serieus en vol overgave naar geleefd, ondanks de soms drukke werkzaamheden van zijn eigen boerenbedrijf. De nevenfuncties heeft hij altijd onbezoldigd uitgevoerd.
Donderdag 29 april reikt burgemeester Boumans de heer Gerardus Augusto Ennes om 10.15 uur een Koninklijke onderscheiding uit. De heer Ennes wordt benoemd tot Lid in de Orde van Oranje Nassau.
Na zijn diensttijd startte de heer Ennes in 1974 als zelfstandig ondernemer met een tabakszaak in het centrum van Haren. Deze zaak runt hij nog steeds en inmiddels is hij een bekende ondernemer in deze gemeente. Hij heeft zich daarnaast op verschillende terreinen verdienstelijk gemaakt.
Zo was hij van 1974 tot 1982 part-time ambulance chauffeur bij de Zieken Transport Maatschappij en van 1985 tot 2000 Kaderlid/plaatsvervangend Bevelvoerder van de vrijwillige brandweer gemeente Haren. Van 1997 tot 2006 verrichte hij werkzaamheden als brandweercentralist op de verbindingscommandowagen van de regiobrandweer Groningen. Ook is hij sinds 1988 scheidsrechter bij het amateurvoetbal van de KNVB district Noord en is hij vanaf 2001 Lid van de schietvereniging ’s Landsweerbaarheid Groningen. In 2003 werd hij daarvan vice-voorzitter en sinds 2008 voorzitter.
Daarnaast is de heer Ennes vanaf 1980 zeer nauw betrokken is bij de Cavalerie Ere Escorte. Hij heeft zich hiervoor ingezet tijdens het huwelijk van prins Willem-Alexander in 2002, de bijzetting van prins Claus in 2002, van prinses Juliana in 2004 en van prins Bernard in 2004.
Hij heeft tot voor kort de Gouden Koets begeleid op Prinsjesdag en toen hij daar, gezien zijn leeftijd mee moest stoppen, is hij toegetreden tot het logistieke detachement van de Ere Escorte.
***
Mevrouw prof. dr. L. de Jong-van den Berg om 12.45 uur is op voordracht van de Rijksuniversiteit Groningen door de koningin benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Omdat mevrouw De Jong in het buitenland verblijft, is de uitreiking uitgesteld tot een nader te bepalen tijdstip.
Lolkje de Jong-van den Berg (Westhem, 1947), hoogleraar Sociale Farmacie en Farmacoepidemiologie aan de Rijksuniversiteit Groningen, heeft de farmacie zowel nationaal als internationaal vernieuwende impulsen gegeven door het versterken van de sociale, epidemiologische en communicatieve aspecten van het vakgebied. Een concreet resultaat van haar werk is bijvoorbeeld dat vooral door haar inspanningen het gebruik van foliumzuur rond de conceptie, ter voorkoming van een ’open ruggetje’, in Nederland algemeen is ingevoerd.
De Jong-van den Berg is de drijvende kracht geweest bij de vernieuwing van de apothekersopleiding aan de Rijksuniversiteit Groningen in de jaren tachtig. Naast een gedegen farmacotherapeutische kennis diende de apotheker naar haar mening over vaardigheden te beschikken die communicatie over juist gebruik van geneesmiddelen in al zijn facetten mogelijk moest maken. Binnen de opleiding kreeg communicatie met patiënten, artsen en collega-apothekers een sleutelfunctie. Vakken als farmacoepidemiologie, farmaceutische patiëntenzorg en farmacovigilantie hebben nu een prominente plaats in het curriculum. Internationaal gezien staat door deze veranderingen de farmacie-opleiding en de uitoefening van het beroep van apotheker in Nederland op een hoog niveau. De Jong-van den Berg is momenteel voorzitter van de Opleidingscommissie Farmacie en Farmaceutische Wetenschappen en lid van het Ontwikkelteam Farmacie. In beide rollen levert ze nog steeds een continue bijdrage aan veranderingen en bijstellingen van het curriculum en aan de kwaliteitszorg van het farmacie-onderwijs aan de Rijksuniversiteit Groningen.
De Jong-van den Berg is voorzitter van de vakgroep Sociale Farmacie en Farmacoepidemiologie. De totstandkoming van deze vakgroep begin jaren negentig is vooral aan haar te danken. De meer patiëntgerichte aanpak, door middel van voorlichting – en communicatie in het algemeen – is overal in haar onderwijs en onderzoek aanwezig. Zo heeft zij mede het beroep van apotheker in Nederland verdiept.
In haar onderwijs en onderzoek pleit zij steeds voor een kritische houding ten opzichte van geneesmiddelengebruik en de farmaceutische industrie. De Jong-van den Berg heeft zich altijd onafhankelijk opgesteld jegens de farmaceutische industrie. Zij is zeer terughoudend in het gebruiken van onderzoeksgeld beschikbaar gesteld door deze bedrijfstak. Haar onderzoekslijn is zeer productief, van goede kwaliteit en sterk Europees gericht. Zij publiceert veel in de vakpers, waardoor zij behoort tot de landelijke opiniemakers. Daarnaast wordt zij veelvuldig gevraagd te spreken op congressen en haar visie te geven in de media.
De Jong-van den Berg is een nationaal en internationaal erkende autoriteit op het gebied van (veiligheid van) geneesmiddelengebruik en zwangerschap. Op Europees niveau werkt zij mee aan EUROCAT (European Congenital Anomalities and Twins-registratie), de Europese organisatie voor registratie van aangeboren afwijkingen. Deelname aan EUROCAT vormt het speerpunt van haar onderzoek. Sinds 2002 is zij voorzitter van de Working Group Drugs in Pregnancy van EUROCAT. Deze werkgroep formeert en analyseert de grootste database ter wereld op het gebied van bewezen aangeboren afwijkingen ten gevolge van geneesmiddelgebruik.
Als lid en deels voorzitter van achtereenvolgens de redactiecommissie en de adviesraad van het Geneesmiddelenbulletin heeft De Jong-van den Berg meer dan twintig jaar haar kennis voor dit vaktijdschrift aangewend. Het Geneesmiddelenbulletin geldt als toonaangevend en heeft als doelstelling onafhankelijke informatie over geneesmiddelen te verstrekken aan de farmaceutische en medische professie in Nederland. In haar afscheidsartikel vroeg zij in 2005 nogmaals aandacht voor het gebruik van foliumzuur ter voorkoming van neurale buisafwijkingen en een verdere intensivering van de voorlichting hierover. Het advies om vrouwen met een kinderwens foliumzuur te laten gebruiken vanaf vier weken voor de conceptie geldt – vooral dankzij haar inspanningen – in ons land sinds 1993. In 1995 is er een landelijke campagne geweest om het gebruik van foliumzuur voor dit doel onder de aandacht te brengen bij werkers in de gezondheidszorg en bij vrouwen. Inmiddels hebben de onderzoeksresultaten wereldwijd geleid tot aanbevelingen over het gebruik van foliumzuur rond de conceptie.
Het boek Geneesmiddelen in Nederland is geschreven voor een breed publiek en bevat een kritische analyse van het gebruik van geneesmiddelen. De eerste druk dateert van 1980. De Jong-van den Berg heeft bijna vanaf het begin aan dit boek meegewerkt als auteur, omdat volgens haar gebruikers van geneesmiddelen recht hebben op toegankelijke en juiste informatie. In die tijd was dat nog niet een alom geaccepteerde opvatting.
Ook aan een ander standaardwerk, Het Geneesmiddel, werkte zij mee als redactielid en een van de drijvende krachten. Dit boek wordt gebruikt in de curricula Farmacie en Geneeskunde en gaat vooral in op de maatschappelijke kant van het geneesmiddel.
De maatschappelijke betrokkenheid van De Jong-van den Berg en haar hart voor het vak van apotheker moge ook blijken uit het feit dat zij oprichter en directeur was van de Wetenschapswinkel voor Geneesmiddelen van de RUG.
***
Donderdag 29 april om 9.30 uur ontvangt de heer Jan Peter Alberts een Koninklijke onderscheiding uit handen van burgemeester Boumans in het politiebureau van Haren. De heer Alberts is door de Koningin benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau. De heer Alberts is sinds 1971 werkzaam bij de Regiopolitie Groningen c.q. haar rechtsvoorgangers. Bij dit korps was hij tot 1 mei 2008 chef van het cluster Conflict- en Crisisbeheersing. Sindsdien vervult hij bij dit corpsonderdeel, in het kader van leeftijdsbewust personeelsbeleid, de functie van senior adviseur.
De heer Alberts is maatschappelijk betrokken op meerdere terreinen. Hij zet zich al tientallen jaren in voor de scouting in de gemeente Haren en is sinds 1995 actief voor de Protestantse Kerken Nederland. Zowel in zijn hoofdfunctie als in zijn nevenactiviteiten geeft de heer Alberts doorlopend blijk van een sterk verantwoordelijkheidsbesef en van het bewustzijn van de noodzaak van de functie van ‘cement’.
1962 – 1969
In deze periode was de heer Alberts medeoprichter, stimulator en drijvende kracht achter de scoutingstam ‘Karel Doorman’ voor 17- tot 23-jarigen. Deze scoutingstam fungeerde als ‘verbindingstroepen’ voor andere scoutinggroepen waarbij ook gebruik gemaakt werd van oud legermaterieel, in die tijd een bijzonderheid omdat telefoonverbindingen een exclusieve overheidsaangelegenheid waren. Het succes van de stam, kwam onder meer tot uiting in een groei en een toenemende professionalisering.
1982 – 1999
In deze periode was hij één van de drijvende krachten achter een ‘clubje’ van vier, later zes, voormalige leden van de scoutingstam ‘Karel Doorman’ dat zich bezighield met de (veiligheid van de) stroomvoorziening en de geluidsinstallaties van de jaarlijkse Noordelijke Pinksterkampen van Scouting Nederland.
1999 – heden
Sinds 1999 vervult hij het voorzitterschap van vier scoutinggroepen in Haren, waarmee hij de scepter zwaait over ca. 400 aangesloten jongeren.
Daarnaast maakt de heer Alberts het door het beheer en de organisatie van de kerktelefoon van PKN mogelijk dat leden van de kerkelijke gemeente wekelijks de kerkdiensten thuis kunnen volgen. Hij brengt de documentatie voor de gebruikers wekelijks bij hen aan huis.
1 reactie