De krant die je leest van A tot Z
Donderdag 23 Juli, 2026
Deze post is bekeken 130 keer.

maandag 30 april 2012

Nieuws:

Preek Online 29 april 2012

Door: Redactie

Dominee Marja Jager sprak gisteren de volgende preek uit. Haren de Krant publiceert bij wijze van experiment op maandag de preek van zondag in de Gorechtkerk te Haren.

 

  

Vierde zondag van Pasen: Zondag van de Goede Herder

Lezing uit het O.T. Jeremia 23:1-6;

Lezing uit het N.T. Johannes 10: 11-16

Gemeente van onze Here, Jezus Christus,

Misschien heeft u ze wel gezien. Rondscharrende schapen rond en in Groningen. Elk jaar komen ze weer om bermen en taluds af te grazen. Een mooi voorbeeld van ecologische groenbeheer. Stel je nu eens voor dat deze schapen op eigen houtje hun gang konden gaan. Dan zouden er zeker dingen kunnen gebeuren die we liever niet zien. Daarom is het maar goed dat de kudde een herder heeft om de schapen bij elkaar te houden en te beschermen. Het blijft een mooi plaatje, zo’n kudde met herder. Het wekt nostalgische gevoelens op naar een tijd die ver achter ons ligt en waarvan we ons vaak een romantischer voorstelling maken dan ze in werkelijkheid is geweest. In onze snelle en hectische tijd spreken deze beelden van rust en traagheid tot onze verbeelding. Een verlangen naar een overzichtelijk en geordend bestaan in een wereld die ingewikkeld in elkaar zit en veel van ons vraagt. Vanzelfsprekende verbindingen tussen mensen, tussen mens en de schepping, tussen mens en arbeid, tussen mens en God, vallen weg. We willen ons juist ontrekken aan het kuddegevoel en ons als ‘individu’ ontwikkelen en ontplooien. En we zoeken naar vormen van leiderschap waarbij we ons afvragen of de leider voorop moet lopen, achteraan moet sluiten of naast de groep moet staan. Een ‘herder’ zoeken we in deze positie in ieder geval niet. Die heeft genoeg aan zijn schapen.

Toch leert de Bijbel ons dat juist de herder leider van Gods volk wordt. De aartsvaders Abraham, Izaak en Jacob waren herders. En Mozes…, die achter zijn schapen werd weggeroepen om Israël te bevrijden uit Egypte en te brengen naar Kanaän. En Saul en David, waren herders, voordat ze tot koning gezalfd werden. Zo wordt in de loop van Israëls geschiedenis ‘herder’ de term voor ‘herderschap’, de manier waarop het volk Israël geleid en beschermd wordt in Gods Naam. De herder van schapen wordt hoeder van mensen. Een leider die zijn volk eerlijke en oprecht leidt. Niet naar eigen wetten, maar volgens de regels van Gods geboden. Zulke herders verbinden, versterken de gemeenschap, gaan voor in het geloof. Vanuit het besef dat niet zij het hoogste gezag hebben, maar God. Hij is immers onder alle omstandigheden, rechtvaardig, trouw en vol ontferming gebleken, als de ware Herder. Op onnavolgbare wijze getuigt hiervan de dichter van psalm 23:

De Heer is mijn herder, het ontbreekt mij aan niets. Hij geeft mij nieuwe kracht. Al gaat mijn weg door een diep donker dal, ik vrees geen gevaar, want u bent bij mij, uw stok en uw staf geven mij moed.

 

Ontelbare gelovigen hebben kracht en troost gevonden in deze woorden. De Heer is mijn herder, Hij waakt over mij, aan Hem vertrouw ik mij toe. Bij Hem weet ik mij veilig en geborgen. Dat is wat mensen zoeken bij God en bij elkaar. Veiligheid en geborgenheid, een gezin, een groep, een kerk om bij te horen. Een gemeenschap waarin je gezien en gehoord wordt. Zelfs…, misschien wel juíst… in deze tijd van individualisme. We leven in een maatschappij die veel van ons vraagt en eist en waarin we het tegendeel van ‘herderschap’ overal tegenkomen op plekken waar onrecht heerst,  het recht van de sterkste geldt of waar opgeblazen ego’s het voor het zeggen hebben.Wee, de herders die de schapen van mijn weiden in het verderf storten en laten verdwalen, lezen we bij Jeremia. God klaagt deze herders aan omdat Hij niet kan aanzien wat ze teweeg brengen. Ze zijn zo met zichzelf bezig dat ze de mensen die aan hun zorg zijn toevertrouwd aan hun lot overlaten. Ze hebben geen hart voor hun volk, geen samenbindende kwaliteiten, geen oog voor recht en gerechtigheid, geen respect voor God noch gebod. God wil niet dat zijn volk overgeleverd is aan deze slechte herders. Als de Goede Herder staat Hij aan de kant van de gewone mensen die met vallen en opstaan, over bergen en door dalen, in hun kracht en in hun zwakte zoeken naar wegen om mens voor mens te zijn.

Het bewijs daarvan is Jezus. In Hem laat God zien en horen hoe Hij met mensen verbonden is, op leven en dood. Het beeld van God, de Vader, als de hemelse Goede Herder verplaatst zich naar Jezus, de Zoon, die zich als de aardse Goede Herder over zíjn kudde ontfermt, over al de mensen die hunkeren naar liefde en gerechtigheid. Haarscherp ziet Hij hoe zijn volksgenoten lijden onder hun onder godsdienstige leiders, die hen bedelven onder wetten en voorschriften en zich daardoor van hen vervreemden. Deze herders kennen de schapen uit hun stal niet en hebben geen idee hoe ze worstelen om te overleven. Maar hoe kun je nu herder zijn als je de schapen niet kent?  Hoe kun je een betrokken vader of moeder zijn, zonder te weten waar je kinderen mee bezig zijn, wat hun vragen en angsten, hun interesses en dromen zijn? Hoe kun je een kerk of vereniging besturen zonder te weten wat er leeft onder de leden? Hoe kun je een land besturen als je de stem van het volk niet hoort en hun noden niet kent?

‘Ik ken mijn schapen’, zegt Jezus en mijn schapen kennen mij. ‘Ik ken mijn schapen’, zegt Jezus. ‘Ik deel hun leven, zie hun door verdriet getekende gezichten, hun vermoeide gebaren. Ik hoor hun roep om een menswaardig bestaan en hun gebed om vergeving. Jezus kent, doorgrondt, de diepst menselijke behoeften en peilt hun verlangen naar heelheid en rust. Die behoeften en die verlangens vervulde Hij, door zijn schapen te zien, te horen, te troosten, te genezen en te vergeven. Zo is hij in woord en daad de Goede Herder en zo kennen zijn schapen Hem. Als dienende Liefde.

Als de Goede Herder ontfermt Jezus zich over zijn schapen en brengt hen samen. Heel anders dan de slechte herders die zich van hun kudden afkeren en verdeeldheid zaaien. Heel Jezus’ leven is een voorbeeld van herderschap in Bijbelse betekenis. Wanneer we naar zijn stem –  naar de stem van de herder willen horen – betekent dit dat we kritisch gaan kijken naar elke vorm van leiderschap in de wereld en in de kerk. Want uiteindelijk zijn we allemaal, leiders en volgers, schapen in de kudde van Jezus. Hij is Heer van de kerk en Koning van de wereld. Dat ontneemt ons het recht om ons genadeloos boven een ander te stellen. Als we geroepen worden een verantwoordelijkheid of leiderschapsfunctie op ons te nemen, dan doen we dat vanuit het besef dat we als schaap ‘herder’ mogen zijn. Zo worden we mens voor mens. Altijd als schaap en soms ook als schaap-herder. Op onze eigen manier, met onze eigen mogelijkheden en talenten. Want zo veelkleurig is de kudde wel. Die bestaat uit schapen van allerlei soorten en maten: makke en stoute, zwakke en sterke, luie en gedrevene, stille en luid mekkerende. Maar allemaal worden ze door de Goede Herder geroepen om naar zijn stem te luisteren en zich daardoor te laten leiden. Zo komen wij mensen tot onszelf, vinden we elkaar, worden we elkanders hoeders en zijn we samen op weg onder de hoede van de Heer, onze Goede Herder. Dat geeft ons leven zin en daarin vinden we rust.

rocket german reviews

Amen.

zp8497586rq

Geen reacties mogelijk