Hoe Be Quick de voetbalwereld minder ruw wil maken
Weinig vrijwilligers en ongepast gedrag: de grote uitdagingen voor voetbalclubs. Bij Be Quick in Haren steken ze hun nek uit. De club neemt initiatieven om de betrokkenheid van spelers en hun ouders bij hun club te vergroten. Maar ook om negatief gedrag rond het veld bespreekbaar te maken en te corrigeren. Clubmanager Peter Koopman (foto) erkent dat het een pittige uitdaging is. “Toch gaan we ervoor, want het is echt nodig”, zegt hij.
Uitdaging 1: betrokkenheid
Volgens Peter Koopman is een voetbalclub eigenlijk de maatschappij in het klein. “Die kan alleen bestaan als iedereen zijn steentje bijdraagt”, zegt hij. “Zonder vrijwilligers is Be Quick nergens. Dat wij hier nu aandacht voor vragen is geen luxe, maar een harde noodzaak. Leden betalen natuurlijk hun jaarlijkse contributie en we zijn heel blij met onze sponsoren, maar daarmee houd je een club niet overeind. We kunnen de kosten dekken voor materialen, veldhuur en trainers, maar verder draait alles op vrijwilligers. Zonder hen geen clubhuis, geen elftalleiders en zonder hen worden gasten niet ontvangen. Ook het bestuur bestaat uit vrijwilligers. Conclusie: zonder vrijwilligers zijn er geen voetbalclubs meer. Dat besef is er lang niet bij iedereen.”
6 uurtjes
In een poging om ouders te activeren bestond vroeger de mogelijkheid dat zij 6 vrijwilligers- uurtjes per jaar met een bepaald bedrag konden afkopen. Dat deden veel mensen, maar daarmee loste de club het ‘personeelsprobleem’ helemaal niet op. “We zijn met die optie dus maar gestopt”, zegt Peter. “Nu gaan we bij aanmelding van nieuwe jeugdleden in gesprek met ouders en dan krijgen we vaak de toezegging dat ze hun steentje best willen bijdragen. Verreweg de meesten doen dat ook, maar helaas haakt ook een deel van hen later toch af en dat is zo jammer.”
Uitdaging 2: ongepast gedrag
De tweede uitdaging, minstens zo groot, is het gedrag van spelers en ouders. Peter zegt dat voetballers soms worden opgehitst door publiek (vaak ouders) langs de lijn. “Ongepast gedrag zie je bij veel clubs”, zegt hij. “Meestal praten die er liever niet over, maar wij kiezen ervoor om dat juist wél te doen. We zien ook hier dat sommige ouders en jeugdleiders echt te ver gaan en nare dingen roepen naar de arbitrage. Als clubmanager loop ik soms hele zaterdagen mensen aan te spreken. Ik draag daarbij herkenbare clubkleding. Eén keer heb ik zelfs iemand van het sportpark moeten verwijderen. Tijdens ouderavonden bespreken we dit ook. Laatst waren hier nare incidenten geweest en de gesprekken met de betrokken ouders en spelers waren erg gespannen. Als bestuursleden voel je je dan best een beetje geïntimideerd.”
Oorzaak
Peter Koopman denkt dat ongepast gedrag het gevolg is van de prestatiemaatschappij. Veel mensen eisen perfectie en als het niet gaat zoals zij willen ontploffen ze. “Vroeger accepteerden ouders bijvoorbeeld het schooladvies van hun kinderen, nu gaan ze erover in discussie met de school. Als je dit vertaalt naar het sportveld: als daar het plaatje (lees: spelverloop) niet perfect is, levert dat een stressreactie op en slaan ze op tilt. Dat heeft ook effect op het wisselbeleid van elftalleiders. Als ouders achter hun rug staan te foeteren als hun zoon wordt gewisseld, dan is dat van invloed op hun keuzes.”
Taboe
Het moet maar eens gezegd worden en daarom vertelt Peter Koopman dit aan de krant. Bijna alle voetbalclubs worstelen hiermee. Bij Be Quick is het geen taboe meer. Binnen de club is een pedagoog beschikbaar en die kan adviseren hoe om te gaan met lastige situaties. Trainers en leiders kunnen cursussen volgen en als het gedrag niet beter wordt, kunnen leden worden geroyeerd. Peter Koopman zegt dat Be Quick deze thema’s eerst bespreekbaar maakt en daarna probeert om het op te lossen. “Er zijn inmiddels meerdere clubs aangehaakt, samen met de gemeente en de KNVB. Door middel van bijeenkomsten proberen we deze thema’s gezamenlijk aan te pakken.”

Geen reacties