Column Huub van ’t Hek (mei 2018)
Albert Heijn:
ontmoeting of transactie?
Huub van ’t Hek
Er is iets mis bij Albert Heijn. Er zijn zeven kassa’s weg. Wij worden nu verplicht om alle kassahandelingen zelf te verrichten. De klant in dienst van de grootgrutter. Zonder voor te komen op de loonlijst. Albert Heijn rekent af: met het verleden, met de dienstverlening en met het principe dat de klant koning is. Albert Heijn heeft zichzelf tot keizer gekroond. Dat moet dus verkeerd aflopen.
De kruidenier van toen was niet meer dan een overdekte marktplaats. Een markt is een plaats van ontmoeting. De plek waar de volwassenen elkaar zien en spreken en de kinderen met elkaar spelen. De plek waar de producenten hun waar aanbieden en de bevolking komt om te kopen. De markt doet het dorp leven.
Die tijden leken voorbij te zijn toen moedermaatschappij Ahold een beursgenoteerd bedrijf werd. Aan die tijden zijn de namen van Cees van der Hoeven en Anders Moberg verbonden. Beide mannen kenden alleen de financiële transacties van de financiële markten. Dat hebben zij geweten daar in Zaandam. De klant en de markt mochten jarenlang worden geofferd op het altaar van het financiële gewin.
Dick Boer, de man die van zijn klanten in zijn supermarkten hield, mocht optreden als puinruimer. Die klus heeft hij met verve geklaard. Als Albert Heijner Ahold klaargestoomd voor de toekomst in een fusie met Delhaize.
Voor het hoofdkantoor in Zaandam staat het beeldje van de Zaanse huisvrouw.
“Opdat wij weten voor wie wij werken” staat er onder in koper gegrift. Dat motto heeft Dick Boer groot gemaakt. Per 1 juli 2018 wordt hij opgevolgd door de Belg Frans Muller. Die zal het beeldje niet dagelijks zien. Dat merken wij dus nu al. Er zijn zeven kassa’s weg. Daarmee is de markt weg, de ontmoeting weg en de klant weg. Opnieuw gelden de wetten van de financiële transacties. Een beetje klant laat zich daar niet mee in.
7 reacties