Column Old Go (april 2017)
Beatrixoord
Eind negentiende eeuw was tbc volksziekte nummer één. Sanatoria werden opgericht om volgens het principe van de drie R’s: (bed)Rust- Reinheid- Regelmaat en gezonde voeding de “teringlijders” te verplegen. In Renkum, Hoog-Laren en Hellendoorn waren reeds sanatoria verrezen toen de behoefte ontstond om ook in het noorden des lands een sanatorium op te richten, hetgeen dankzij de schenking van de “Herema-State” te Joure in 1910 gerealiseerd kon worden. Dit gebouw bleek te klein en niet aan de eisen des tijds te voldoen zodat besloten werd tot nieuwbouw te Appelscha, dat in 1922 geopend werd en meer dan 400 patiënten onderdak bood. Omdat de oorspronkelijke naam “Fries-sanatorium” de indruk wekte dat alleen patiënten met een Friese achtergrond welkom zouden zijn, werd in 1946 besloten de naam te wijzigen in Beatrixoord. Men wilde ook in Haren bouwen. In 1958 werd in Haren de aanbesteding gedaan om een terrein aan de Dilgtweg bouwrijp te maken en aan het eind van dat jaar werd het werk opgeleverd om op 3 april 1959 over te gaan tot de aanbesteding van het nieuwe hoofdgebouw en ketelhuis te Haren. Het werk werd gegund aan de Nederlandse Aannemers Mij te Den Haag voor de som van fl. 4.436.000 en op 28 augustus 1959 legde prinses Beatrix de eerste steen, waarbij een oorkonde ingemetseld werd. Het gebouwencomplex betrof het hoofdgebouw, het ketelhuis en het zusterhuis (veel ongehuwde verpleegkundigen woonden nog “intern”), waarbij over de vormgeving van hun gebouw nog veel ‘gesteggeld’ werd tussen architect, de financieel directeur van Beatrixoord en de gemeente Haren zodat de bouw daarvan later geschiedde dan die van beide andere gebouwen in 1962. Ten behoeve van de gehuwde werknemers kreeg de gemeente Haren in de jaren 1960-62 een extra contingent (32 stuks) ‘woningwetwoningen’ toegewezen terwijl Beatrixoord daartoe zelf twee woningen aankocht en enige ‘dienstwoningen’ op het terrein heeft gebouwd.
Namens Old Go, Gertjan Hakkaart
Geen reacties