Minister lijkt vast te houden aan herindeling Haren, Groningen en Ten Boer
Minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken) heeft zich de woede op de hals gehaald van een deel van de Harense bevolking. Ze heeft aan de Kamer laten weten het wetsvoorstel voor fusie tussen Haren, Groningen en Ten Boer te willen verdedigen. Door de hoorzitting in januari (foto) is zij niet op andere gedachten gekomen. Dat blijkt uit de antwoorden, die de minister geeft op vragen van Kamerleden, die het fusieplan moeten beoordelen. De vaste Kamercommissie Binnenlandse Zaken wil de situatie deze week bespreken als aanloop naar plenaire behandeling in de Tweede Kamer.
De minister volgt de zienswijze van de Provincie Groningen en stelt dat Haren financieel niet sterk genoeg is om zelfstandig te blijven. Gustaaf Biezeveld van het Burgercomité Haren is teleurgesteld, laat hij in Dagblad van het Noorden weten. En dat is zacht uitgedrukt. Ook Meinard Wolters van GVH is niet blij met deze eerste tekenen uit Den Haag. Zijn partij heeft Haren in december weliswaar gedestabiliseerd door uit de coalitie te stappen, maar blijft knokken voor een zelfstandige gemeente. Wethouder Michiel Verbeek van Haren (D66) zegt in een eerste reactie: “Een bedroevende reactie van de minister. Alle door ons ingebrachte argumenten worden niet alleen niet overgenomen, maar zelfs niet gewogen. Ollongren loopt slaafs achter de Provincie aan.”
Dagblad van het Noorden citeert de minister, die zegt: “Ik hecht eraan te benadrukken dat de financiële positie van Haren zwak was en dat het herstel daarvan weliswaar is ingezet, zoals de begroting 2018 aangeeft, maar dat de realisatie van de verbetering nog niet aangetoond is.” Dat is tegen het zere been van mensen die zeggen te kunnen bewijzen dat Haren op zowel korte als lange termijn er financieel beter voor staat dan (relatief) de gemeente Groningen. Verbeek vindt dat Ollongren geen oog heeft voor alle positieve ontwikkelingen, zoals de kwaliteit van het Sociaal Domein en burgerparticipatie. Hij is zwaar teleurgesteld in zijn partijgenote.
Is dit een voorbode?
De antwoorden van minister Ollongren mogen als een voorbode worden gezien van haar keuze. Ze is niet van plan Haren ‘uit het wetsvoorstel’ te schrappen, waardoor Haren zelfstandig verder zou kunnen. Dat betekent dat binnenkort de Tweede Kamer zal moeten oordelen over een harde fusie. Dat is een fusie waarbij Groningen, Haren en Ten Boer worden opgeheven, om plaats te maken voor een nieuwe gemeente, die de naam Groningen blijft dragen. De Provincie, bij monde van gedeputeerde Patrick Brouns, had liever een lichte samenvoeging gezien, omdat dit administratief en financieel veel handiger zou zijn.
Nu wordt het de vraag of de Tweede Kamer zin en inspiratie heeft om zich intensief bezig te houden met ‘de kwestie Haren’. Het is gemakkelijker om Provincie en minister te volgen, dan het tegendraadse Haren. In theorie zou de Kamer de wenkbrauwen kunnen fronsen bij het zien van zulk massaal verzet binnen de gemeente: Een referendum (2014) waarin een kleine 75% tegen fusie met Groningen was, rechtszaken en kort geding-zaken, publiciteitscampagnes en protestacties. De fusie zorgde voor een schisma in de bevolking, dat littekens zal achterlaten als de zaak achter de rug is. Verhoudingen staan op scherp.
Wat zegt Binnenlandse Zaken?
Het is interessant om de waarschijnlijke keuze van de minister nog even te plaatsen naast de algemene uitgangspunten van het Kabinet als het gaat om: herindeling. Op de website van het ministerie wordt gezegd: “Het uitgangspunt van het kabinet is dat herindelingen bij voorkeur van onderop tot stand komen. Dat betekent dat gemeenten zelf besluiten tot een herindeling. In bijzondere gevallen neemt de provincie de eerste stap. Bijvoorbeeld als dit door regionale ontwikkelingen nodig is. Of als de bestuurskracht van een gemeente zo verzwakt is dat de gemeente haar taken niet meer kan uitvoeren.” Over de toetsing zegt het Kabinet: “Iedere gemeentelijke herindeling is uniek. Per geval is er een afweging nodig op basis van de lokale en regionale omstandigheden, ontwikkelingen en context. Het kabinet beoordeelt in ieder geval de volgende 5 punten:
*draagvlak;
*interne samenhang;
*een dorps- en kernenbeleid;
*bestuurskracht;
*evenwichtige regionale verhoudingen;
*duurzaamheid.
Over de inspraak door bewoners zegt het Kabinet: “Een gemeentelijke herindeling is een ingrijpende verandering. Dat geldt niet alleen voor inwoners, maar ook voor bedrijven, instellingen en de bestuurlijke omgeving van gemeenten. Daarom moet het herindelingsadvies duidelijk maken wat deze partijen vinden van de voorgenomen herindeling. Meestal organiseert de gemeente informatiebijeenkomsten en inspraakavonden voor belanghebbenden. Mede op basis daarvan stelt de gemeente of provincie een herindelingsontwerp op. Iedereen mag 8 weken lang reageren op dit herindelingsontwerp (een zienswijze indienen).”
Draagvlak is een vaak gebruikt argument
Tegenstanders van de fusie schermen vaak met het gebrek aan draagvlak voor de herindeling. Dat argument moet wel worden genuanceerd. Het klopt dat in 2014 maar liefst 75% van de burgers tegen een fusie met Groningen was. Maar dat betekent dat 1 op de 4 voor een fusie met Groningen was. Voorts moet worden gezegd dat het referendum alweer vier jaar geleden werd gehouden. De tijd heeft niet stilgestaan en als er nu een referendum gehouden zou worden, zou het beeld anders kunnen zijn. Bovendien moet niet worden vergeten dat het vooral de tegenstanders van de fusie zijn, die zich op professionele wijze hebben gegroepeerd. Ze voeren een doordachte publiciteitscampagne, inclusief boeken en pamfletten. De mensen die een fusie met Groningen geen groot probleem vinden (of zelfs heilzaam vinden) laten zich nauwelijks horen of zien. Dat is een vrije keuze en mag niet worden veroordeeld.
Overige argumenten
De tegenstanders van de fusie zeggen dat Haren op alle andere onderdelen (waarop wordt getoetst, zie boven) prima scoort en zelfs beter scoort dan menig andere gemeente. Men stelt nu dat de minister deze ontwikkelingen negeert. De D66-fractie van Haren noemt de gang van zaken zelfs ‘schijndemocratie’.

Politieke reacties
D66
De fractie van D66 neemt met veel teleurstelling en verontwaardiging kennis van de antwoorden van minister Ollongren op de vragen van de vaste Kamercommissie voor Binnenlandse Zaken betreffende het dossier herindeling Groningen-Haren-Ten Boer.
In een democratie kan macht niet zonder tegenkracht. Vanuit Haren is op allerlei wijze tegenkracht geboden aan de eenzijdige, op veel punten feitelijk onjuiste informatie waarop het provinciaal bestuur een herindelingsadvies formuleerde. Er is voortdurend gewezen op de onzuivere procedure, het totaal negeren van de mening van inwoners en gemeenteraad, op het gebruik van achterhaalde gegevens en op de negatieve framing van de gemeente Haren door de Provincie. Tijdens de hoorzitting op 19 januari 2018 werd dit nog eens krachtig samengevat.
Maar zoals het provinciebestuur de ruim 650 kritische zienswijzen op het herindelingsadvies vanuit Haren totaal negeerde, zo negeert deze minister alle tegengeluiden uit Haren, inclusief alle harde feiten die intussen zijn aangeleverd en waaruit bijvoorbeeld blijkt dat Haren financieel weer gezond is en dat samenwerking met buurgemeenten geen probleem is. De macht negeert hier alle tegenkracht en walst door en… over de lokale democratie heen. Twee derde van inwoners en gemeenteraad wil deze samenvoeging niet en nergens kan worden aangetoond dat herindeling voor Haren noodzakelijk is. Dat laatste is wel de grootste teleurstelling voor de fractie van D66. De minister, nota bene van D66-signatuur, ondermijnt met deze antwoorden op ernstige wijze het vertrouwen dat mensen in de politiek en de democratie kunnen hebben. Wat betekent tegenkracht als die genegeerd wordt? Er is maar één ding erger dan géén democratie en dat is schijndemocratie.
12 reacties