Welke van deze twee vrouwen is ziek?

Deze foto is gepubliceerd in Haren de Krant, een van de twee vrouwen is Thea Plenter, ongeneeslijk ziek. Wie van deze twee? Juist, links op de foto, de vrouw met de blije lach, is Thea Plenter, die een boek schreef over haar ernstige ziekte: borstkanker.De dag waar ik zo naar uitkeek, maar niet heus. Ik was zo kalm de laatste tijd. Maar dat veranderde op slag toen ik vannacht in mijn ziekenhuisbedje lag, mn handen om mijn borsten geklemd. Met in het achterhoofd, het kan nu nog. Terwijl ik me prepareerde om naar bed te gaan, kwamen er zomaar tranen. Uit het niets, ik kon me er niet eens op voorbereiden. Ik dacht aan mijn kleine meisjes, we hebben er veel lol om gehad. Mama met een mama-borst en een Kirsten-tietje. Maar op dit moment vind ik het helemaal niet meer zo grappig. Ik bel Henk, het was tegen 11 uur s avonds. Henk, ik ben zo verdrietig en bang, fluister ik
Een stukje uit Hupsake van The, het eerste boek van Thea Plenter. Thea is begonnen met schrijven toen, in oktober 2005, ontdekt werd dat ze borstkanker had. Thea: Om mijn familie en vrienden op de hoogte te houden tijdens mijn ziekteproces, ben ik begonnen met het sturen van mailtjes. Die mailtjes heb ik geprint en in een map gestopt voor mijn dochters. Voor later.
Om herinneringen te bewaren
Thea en haar man Henk hebben twee dochters, Kirsten (5) en Puck (4). Voor hen wil ze dingen bewaren. Zodat de meiden zich later kunnen herinneren o ja, zo was het, of dat hebben we gedaan. Ik heb ook voor beide een doos waarin ik dingetjes voor ze bewaar. Toen ik dat een keer aan iemand vertelde die haar moeder op haar vijftiende verloor, begon ze spontaan te huilen. Het is goed om zoiets te hebben. De behoefte om herinneringen voor haar dochters te bewaren, is de reden om het boek te schrijven. Thea laat de map met mailtjes zien. Kirsten en Puck zijn vaak met deze map bezig en na een poosje lagen alle mailtjes door elkaar. Ik wilde iets mooiers voor ze, iets dat blijvender is.
Toen Thea Dagblad van het Noordenjournalist Anita Pepping ontmoette, vroeg ze of die haar kon helpen met het uitgeven van het boek. Dat leidde tot de rubriek plenter@pepping in die krant. Thea mailt Anita in plenter@pepping elke woensdag en zaterdag over haar leven. Over haar ziekte, maar ook over de dagelijkse dingen en over hoe ze zich voelt. Wat ik schrijf komt echt uit mijn hart, vertelt ze, Als ik het later lees, denk ik: ja, zo voel ik het echt. Daardoor lukt het me telkens weer om te mailen, ook als ik me niet goed voel. Dan ben ik die emotie even weer kwijt. En voor Kirsten en Puck zijn die columns natuurlijk prachtig, voor later.
Taboe doorbreken
Toch wilde Thea nog steeds graag haar boek. Want: Het eerste jaar van mijn ziekte was alleen maar vastgelegd op printjes. Via Henk Boomker kwam ik terecht bij uitgeverij Passage en die geeft nu mijn boek uit. Ze vertelt dat in het boek, behalve de mailtjes, uitspraken staan van vrienden en bekenden en enkele fotos. De voorkant van het boek is getekend door Kirsten en Puck maakte de tekening voor achterkant. Haar man Henk schreef het voorwoord en Anita Pepping deed de eindredactie. Ik ben vreselijk blij met het boek, vertelt ze, In de eerste plaats voor mijn dochters, maar ook omdat ik het onderwerp graag bespreekbaar wil maken. Iedereen kan de volgende zijn die kanker krijgt. Ik wil het taboe om erover te praten en naar te vragen doorbreken en duidelijk maken dat ik, ziek of niet, geinteresseerd blijf in wat anderen te vertellen hebben.
Hupsake van The van Thea Plenter is vanaf 9 februari te koop bij boekhandel Boomker. Op die dag zal Thea van 19.00 tot 20.00 uur in de winkel aanwezig zijn om boeken te signeren. Het boek kost 14,50 en in het Dagblad van het Noorden verschijnt een kortingsbon. Tot en met 10 februari is Hupsake van The ook te bestellen bij uitgeverij Passage, via www.passage.nl. Dan kost het 12,50. Een deel van de opbrengst van het boek gaat naar Het Behouden Huys in Haren, die mensen met kanker, hun naasten en hun nabestaanden begeleidt.
Onderschrift foto: Thea Plenter (links) schreef het boek, Anita Pepping deed de eindredactie
Geen reacties