De krant die je leest van A tot Z
Donderdag 2 Juli, 2026
Deze post is bekeken 116 keer.

zondag 15 juli 2012

Nieuws:

Preek 15 juli 2012 Gorechtkerk Online

Door: Redactie

Vandaag hield dominee Marja de Jager de navolgende preek. Wij plaatsen met regelmaat haar preken als service aan lezers die de dienst niet konden bezoeken.

 

Lezing uit het O.T.  Prediker 4: 7-12;

Lezing uit het N.T. Marcus 6: 6b-13.

 

Gemeente van onze Here, Jezus Christus,

 

Ik voel mij altijd wat verlegen met de verhalen uit de Bijbel over ‘uitzending’ zoals ons verhaal van vanmorgen, waarin Jezus zijn twaalf leerlingen er op uit stuurt om het koninkrijk van God te verkondigen en zichtbaar te maken. Dit zal wellicht te maken hebben met wat ik primair in dit verhaal hoor: namelijk dat we het goede nieuws dat Jezus brengt van de daken moeten schreeuwen. We moeten de pleinen en markten op zodat iedereen het hoort en erin gaat geloven. Als ik naar de praktijk van ons kerkenwerk kijk, zie ik ons dit niet doen. Schieten we nu te kort? Moeten we het boetekleed aantrekken en in zak en as gaan zitten? Wil dit verhaal ons met schuldgevoelens opzadelen? Ons tekort er nog eens goed inwrijven? Zonder te ontkennen dat we tekort schieten – in trouw zijn en in vertrouwen hebben – heb ik bij nadere lezing begrepen dat Jezus zijn leerlingen erop uit stuurt om hen te leren zich op een andere manier tot God en mensen te verhouden dan ze gewend waren. Zij worden uitgezonden om te doen wat Jezus deed: zich verbinden met mensen, heilzaam in hun midden zijn, goede woorden spreken, zegenrijke daden doen. Daarin wordt het koninkrijk van God zichtbaar. De leerlingen worden erop uitgezonden om een geloofsweg te gaan,

een leerweg waarop Jezus hen de weg wijst en voorgaat. Dit is een nieuwe weg en om die te kunnen bewandelen moeten ze gewoonten, vastgezette godsdienstige overtuigingen en uiterlijk vertoon loslaten.

 

Kaal, zonder opsmuk, zonder iets waar ze zich op kunnen laten voorstaan, zonder uiterlijk vertoon, stuurt Jezus hen op pad. Kijk maar, ze mogen bijna niets meenemen, geen geld, geen eten,  geen extra kleren. Als stoffige, stoffelijke mensen gaan ze op pad. Die beseffen: ‘hier moet ik het mee doen’.  Met mijzelf, met wie ik ben, met wat ik te bieden heb, met waar ik in geloof en voor sta. Dat bepaalt je bij je kwetsbaarheid, bij je afhankelijkheid van anderen, bij je waar het in jouw leven uiteindelijk om draait. Jezus laat zijn leerlingen tot zichzelf komen. Tot inzicht in wie ze zijn. Los van wie ze denken te moeten zijn of van hoe anderen over hen denken. Dat alles kan hen in de weg staan in de ontmoeting met mensen. We kennen van die contacten die nooit verder komen dan de oppervlakte. Dan gaat het over koetjes en kalfjes, over uiterlijkheden, over de nieuwste trends, over zogenaamde gemeenschappelijke hobby’s of interesses. Ons sociale leven wordt er voor een deel door bepaald en levert ons voor een moment gezelligheid op. Maar we worden er niet wezenlijk door geraakt of geïnspireerd of verder geholpen. Vinden de mooiste ontmoetingen niet juist plaats voorbij de buitenkant? In alle eenvoud. Waar uiterlijk, status en aangeleerde houdingen geen rol spelen? Dié ontmoetingen en gesprekken blijven je bij waar oprecht gesproken en geluisterd wordt, waar harten zich openen voor elkaar.

 

Zo gaan de leerlingen op stap. Met alleen het hoognodige. Met enkel wat wezenlijk voor hen is en niet afleidt van hun roeping: Jezus navolgen. Maar die roeping, hoe mooi ook, roept weerstand op. We lezen in het verhaal wat Marcus verteld voorafgaand aan deze uitzending, hoe Jezus miskend wordt in zijn vaderstad. Deze gewone man – timmerman – zoon van Maria is te gewoon om gezien te worden als een profeet, laat staan de Messias. Jezus’ woorden en daden  lopen dood op vastgeroeste denkbeelden en verwachtingen. Hij kon daar geen wonderen doen. Met die wetenschap worden zijn leerlingen erop uitgestuurd. Twee aan twee. Duo – duo staat er in het Grieks. Jezus laat hen niet in hun eentje gaan, overgeleverd aan mensen die hen verachten om hun sobere aanblik, uitjoelen om hun woorden of ongastvrij behandelen. Duo – duo, twee aan twee zond hij hen uit, zoals prediker driehonderd jaar eerder in al zijn wijsheid al voorstond. ‘Je kunt beter met zijn tweeën zijn dan alleen’, schreef hij.

En dat is een heel andere boodschap dan wat ons tegenwoordig wordt voorgehouden. Wij leren om onszelf te redden, onafhankelijk te zijn van iets of iemand. Jij bent sterk genoeg, in plaats van, samen sta je sterk. We zien ze gaan, de leerlingen, met niets dan één stel kleren, schoenen en een staf, minder kan niet. Maar wel samen. Om de ander te helpen opstaan waarneer hij valt of het niet meer ziet zitten.  Om elkaar te verwarmen met woorden en daden van liefde. Om elkaar te steunen en te bemoedigen. We zijn ons misschien niet altijd bewust van de rijkdom van duo-duo, van samen-zijn, van een gemeenschap vormen. Van de kracht die uitgaat van: je staat in al je kwetsbaarheid en naaktheid niet alleen. Er gaat één met jou…, met hem of haar deel je je roeping, je moeite, je vreugde en verdriet. Op hem of haar mag je een beroep doen, bij hem of haar kun je alle opsmuk laten voor wat het is en gaan tot voorbij de oppervlakte… tot daar waar jij jezelf in alle toonaarden tegenkomt.

 

Afgelopen donderdag waren mijn zusje en ik samen naar de kerk voor een huwelijksinzegening van een kennis. We bladerden in de liturgie en bijna op hetzelfde moment lazen we de Bijbeltekst die het bruidspaar had uitgekozen.De tranen schoten ons in de ogen: het was de tekst bij de begrafenis van onze moeder vorig jaar. Wat een zegen dat we samen waren. Na de dienst en de receptie  zijn we ergens koffie gaan drinken en hebben we erover nagepraat. Duo-duo, wat een genade. Een mens om mee te gaan. En zou niet juist de kerk de plaats mogen zijn, waarin dit principe ten uitvoer wordt gebracht. Samen-gaan: in pastoraat en diakonaat, in jeugd- en clubwerk, in vieren en leren, voorbij de oppervlakte, tot in de kern van de zaak. Opdat mensen zich werkelijk thuis voelen – bij God en bij elkaar – en geen schroom hebben om naar de kerk te gaan, bij de kerk te horen of buiten de kerk erover te praten.

 

Zo gaan de leerlingen op stap, duo-duo: twee aan twee. ‘Met zijn tweeën houd je stand’, schrijft Prediker, ‘een koord dat uit drie strengen is gevlochten, is niet snel stuk te trekken’. Twee wordt drie. Drie is een heilig getal. Bij drie is God in het spel. Een koord van twee strengen is al veel sterker dan een enkel koord. Een drievoudig koord is onverbrekelijk. God als derde erbij zorgt daarvoor. De kracht die van Hem uitgaat bindt mensen samen. Zo gaat er kracht van Jezus uit. De uitzending begint ermee dat Jezus zijn leerlingen bij zich laat komen en hen kracht en macht geeft over onreine geesten. Jezus zelf is erbij, als derde. Na Pasen en Pinksteren is Zijn kracht in ons uitgestort als heilige Geest. Die Geest helpt ons, ons te verbinden met mensen in geloof, hoop en liefde. Die boodschap verkondigen we. Zonder opsmuk, zonder ons erop voor te staan, zonder uiterlijk vertoon. Deze boodschap wekt ons op ons om te keren naar elkaar, te leven naar God toe, en te laten zien wat het bekent te leven uit de kracht en liefde van Jezus, onze broeder en Heer.

 

Amen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Geen reacties

Wilt u reageren?




Wij plaatsen alleen inhoudelijke reacties. Reacties met voornamelijk slogans en kreten worden niet gepubliceerd.