Advocaat vindt dat dossier ‘bodemdaling Oosterhaar’ nog niet is afgedaan
In Haren de Krant van 20 juni staat een artikel over de schades die aan de Wederikweg zijn ontstaan aan woningen. De oorzaak is bodemdaling, die volgens gedupeerden het gevolg was van het kunstmatig verlagen van het grondwaterpeil door aannemer Reimert Infra (najaar 2018). Dat was nodig voor de bouw van de fietserstunnel naast het station, die nog gaande is.

Opdrachtgever ProRail heeft de zaak onderzocht en zegt nu dat Reimert niets te verwijten valt. Het grondwaterpeil is weliswaar verlaagd, maar dit kan volgens deskundigen niet hebben geleid tot de schades. De werkelijke boosdoener is de droge zomer van 2018, stelt men. Opmerkelijk is dat de schades door de droogte alleen zijn ontstaan in de directe omgeving van de bouwplaats. De gedupeerden zullen dus, volgens deze uitkomst, zelf de kosten van het herstel moeten betalen. Maar klopt dit wel? Kan de schade niet zijn veroorzaakt door de combinatie van kunstmatig verlagen (bemaling) en de droogte? Met andere woorden: had de droogte de schade ook al veroorzaakt, of kwam dit doordat er de bemaling aan werd toegevoegd?
Juridische context
In het artikel laat advocaat mr. Catherine Bungay (foto onder) uit Yde haar licht over de zaak schijnen. Zij komt met een interessante invalshoek. Bungay vindt dat de zaak niet is afgedaan en zegt: “Van een vergunning (voor het verlagen van het grondwaterpeil) mag je gebruik maken, maar de aannemer moet dan wel controleren hoeveel het grondwaterpeil is gezakt, mede door de droogte van het jaar 2018. Als die zakking zover gaat dat bemaling niet nodig is, dan hoeft c.q dient het niet bemaald te worden. Als het een beetje is gezakt moet het net zoveel bemaald worden als nodig is, verdisconteerd de verzakking door de droogte van het jaar 2018. Dus de aannemer had de grondwaterstand moeten controleren alvorens tot bemaling over te gaan. Doordat de aannemer dit niet heeft gedaan zijn er scheuren in de bebouwing ontstaan.”

3 reacties