De krant die je leest van A tot Z
Dinsdag 26 Mei, 2026
Deze post is bekeken 146 keer.

zaterdag 30 september 2017

Nieuws:

Drama Patrick Simbomana tien jaar geleden

Door: Redactie

Op 6 december a.s. is het tien jaar geleden. De 24-jarige Patrick ‘Kaka’ Simbomana uit Burundi liep tegen 10.30 uur het gemeentehuis van Haren binnen. Hij overgoot zich daar met benzine en nam een aansteker. Na een paar mislukte pogingen lukte het. Hij stak zich in brand. Een metershoge steekvlam in de hal van het gemeentehuis markeerde het drama, dat tien jaar later nog niet is vergeten. Hij rust op De Eshof. Er bestaat nog onduidelijkheid over de oorzaak van zijn wanhoop. Tot dusverre leeft nog steeds het idee dat een dreigende uitzetting de aanleiding vormde. Hij zou een brief hebben ontvangen waarin werd gesteld dat hij binnen een maand Nederland moest verlaten.

Wie was hij?
Patrick heeft zijn vader nooit gekend en zijn moeder was in een kerk in zijn thuisland vermoord toen hij twaalf was. Hij kreeg wat geld van de kerk om het land te ontvluchten en kwam in Nederland terecht in 2003. Zijn zusje raakte hij onderweg kwijt en zag hij nooit weer terug. Hij volgde een technische opleiding en heeft als electriciën meegewerkt aan de bouw van de parkeergarage van het Martiniziekenhuis.Omdat er geen familie was, heeft de gemeente Haren de uitvaart bekostigd en is door inmenging van maatschappelijk werk een waardige gedenksteen geplaatst bij zijn graf op De Eshof.

Wat er gebeurde
Op die ochtend is Patrick gezien bij een benzinestation in Haren waar hij een fles benzine kocht. Hij was die ochtend ook nog mensen tegengekomen en heeft ze vrolijk begroet. Maar om 10.30 uur stortte de jonge Patrick zich in de dood. Hij reed per brommer naar het gemeentehuis en zette zich in brand. In een heksenketel van geschreeuw begon de bode van het gemeentehuis hem te blussen. Tientallen bezoekers en ambtenaren waren getuige en zullen waarschijnlijk deze beelden nooit vergeten. Hulpdiensten kwamen op tijd, want hij leefde nog.

sep07-simbomana
Wanhoop
Het slachtoffer werd naar het ziekenhuis gebracht. Hij was bij kennis en zijn vriendin heeft nog contact met hem gehad. Tegen personeel in het ziekenhuis zou hij hebben gezegd: “U maakt me toch wel weer beter?” Maar een dag later stierf hij. Was dat wel wat hij echt wilde? Niet lang daarna was er een persconferentie in de brandweerkazerne en vertelde burgemeester Mark Boumans wat er was gebeurd. Al snel ging het verhaal dat de gemeente Haren hem een brief had gestuurd met de mededeling dat hij binnen 28 dagen het land moest verlaten. Achteraf bleek dat een misverstand. De brief kwam niet van de gemeente, maar van een andere overheidsinstelling. Hoe dan ook, Patrick wilde niet terug, want hij was na jaren inmiddels gehecht aan Nederland. Hij was een goede en geliefde voetballer in Zuidlaren. Hij sprak Nederlands. De wanhoop was hem kennelijk naar de keel gevlogen.

Beveiliging bij uitvaart
Een paar dagen later was er een indrukwekkende uitvaart in de Nicolaaskerk, waarbij beveiligers aanwezig waren op de achtergrond, omdat sommige mensen de gemeente beschuldigden van Patricks dood. Destijds was Arjen van Leeuwen gemeentevoorlichter in Haren. Hij herinnert zich alles nog goed. Van Leeuwen: “We hadden in ‘t Clockhuys een opvangcentrum ingericht voor medewerkers die het hebben zien gebeuren. In hetzelfde gebouw werd een beleidsteam geïnstalleerd, waarin de hulpdiensten en de burgemeester zitting hadden. We merkten dat er nogal wat dreigende dingen werden gezegd over de gemeente, hoewel de bewuste brief dus niet van ons afkomstig was. Daarom is besloten extra maatregelen te nemen voor de dag van de uitvaart.” Volgens Arjen van Leeuwen was de wanhoopsdaad niet tegen de gemeente gericht, maar een schreeuw om aandacht. Hij zegt: “En het was niet de eerste keer. Een jaar eerder had een andere jongen uit Burundi in het gemeentehuis ook al een poging gedaan zich in brand te steken. Die poging mislukte en niemand had kunnen denken dat zoiets zich zou herhalen.”

Impact op hulpverlener
Klaas de Jonge is bode en ook brandweerman. “Ik vergeet dit nooit. Ik hoorde luid gegil en ben direct naar de hal gerend. Ik zag ik een mens in brand staan met zeer hoge vlammen. Het schoot door mij heen: dit heeft hij zelf gedaan. Ik heb de brandslang gepakt en ben hem met water gaan blussen, dat ging vlot. Daarna ben ik begonnen met koelen. Toen mijn brandweerpieper overging was ik opgelucht: er was hulp onderweg. Ik heb tijdens het koelen nog summier met hem kunnen praten. Hij was redelijk goed bij en kon mij zijn naam zeggen. In de periode na het incident bleef ik in balans, mede door opvang thuis en nazorg van de gemeente. Anderhalf jaar later, als gevolg van ernstige incidenten bij de brandweer kwam het toch weer omhoog. Toen heb ik hulp gezocht bij maatschappelijk werk. daar werd ingegaan op wat Patrick met zijn wanhoopsdaad mij had aangedaan en of ik boos op hem was. Boosheid zou mijn verwerking kunnen helpen. Maar ik kon niet boos zijn op een jongen die zo wanhopig is geweest. Vrij vlot daarna heb ik mijn balans hervonden.”

Geen reacties

Wilt u reageren?




Wij plaatsen alleen inhoudelijke reacties. Reacties met voornamelijk slogans en kreten worden niet gepubliceerd.