Wethouder: bezwaarmakers Oosterhaar zorgen voor dubbel werk

In Haren de Krant van oktober publiceerden wij een themaverhaal over bouwprojecten waar burgers bezwaar tegen maken.De redactie wilde peilen of inspraak als olie werkt in het raderwerk van de vooruitgang of als zand. In het verhaal kwamen een paar projecten aan de orde, waaronder Oosterhaar (Anjerlaan) en Handy (Rijksstraatweg).
Wethouder Jeroen Niezen schrijft op zijn weblog (www.haren.nl) dat hij blij was met de publicatie, maar dat hij vond dat onduidelijk bleef dat er een verschil is tussen particuliere projecten (zoals Handy) en projecten van grote maatschappelijke waarde (zoals Anjerlaan).
In zijn column geeft de wethouder een aardig inkijkje in zijn denkwereld. Hij geeft een ferme steek in de richting van enkele ‘losse’ bezwaarmakers in Oosterhaar (op de foto een van hen, Bart Melis) en hij zegt tevens dat het project Handy wat hem betreft een project is in de marge van het maatschappelijk belang. Hieronder de tekst, die de wethouder vandaag online liet zetten op de gemeentelijke website.
Door J. Niezen, wethouder van Haren
Als wethouder voor Ruimtelijke Ordening heb ik veel te maken met juridische procedures rond bouwplannen en bestemmingsplannen. Dit is een ingewikkelde materie. Vandaar dat ik de afgelopen maand dan ook van harte heb meegewerkt aan een publicatie in Haren de Krant over dit thema. Ik ben zelf heel tevreden over het resultaat, ook al is er natuurlijk een wat gesimplificeerde voorstelling van zaken gegeven. De thematiek wordt echter in de kern goed geraakt. Toch zitten er twee elementen in het stuk die wat mij betreft nog niet helemaal goed uit de verf zijn gekomen. Het gaat daarbij om de maatschappelijke waarde van een project, en daarmee om de verschillende rollen van betrokken: gemeente, ontwikkelaars, ondernemers en burgers. In dat kader wil ik graag nog een paar zaken verhelderen. Ik gebruik daarbij de procedures rond het centrum van Oosterhaar en Handy als concrete voorbeelden.
In het project van Spoor tot Steeg, de vernieuwing van het centrumgebied van Oosterhaar, is sprake van een project met een grote maatschappelijke waarde. Immers, het project voorziet in belangrijke nieuwe functies die leven en leefbaarheid van de wijk Oosterhaar stevig zullen bevorderen. Naast een vernieuwd winkelcentrum worden er een medisch centrum, een zorgpost/zorginstelling en een aantal appartementen gerealiseerd. Met name op de appartementen wordt door een groot aantal huidige bewoners met smart gewacht.
De ontwikkeling van een dergelijk plan legt een belangrijke verantwoordelijkheid bij de gemeente en Woonborg, onze woningbouwvereniging die als ontwikkelaar optreedt. Daarom ben ik na mijn aantreden in 2006 volop in overleg getreden met het toenmalige buurtcomite. In de zomer en het najaar van 2006 hebben we de verschillende bezwaren van het comite onder de loep genomen. Met hulp van verkeerskundigen en een stedenbouwkundig bureau zijn consequenties van keuzen en alternatieven bestudeerd. Per bezwaarpunt is een afweging gemaakt. In januari 2007 is deze informatie als onderdeel van het stedenbouwkundig plan voorgelegd aan de gemeenteraad. Het buurtcomite heeft ingesproken, en op basis van alle informatie heeft de gemeenteraad zich achter het gepresenteerde stedenbouwkundig plan geschaard. Daarmee is mijn ogen een zorgvuldig proces gevoerd, en is er een zorgvuldige besluitvorming geweest. Er is daarna ook een groot draagvlak in de wijk ontstaan voor het plan. Het buurtcomite heeft zichzelf vervolgens opgeheven.
We zitten nu in de formele procedure van het bestemmingsplan en van het eerste bouwplan om de gemaakte keuzen te formaliseren. Daar tegen kunnen burgers bezwaar aan tekenen. Dit staat volkomen los van mogelijke waardevermindering van belendende woningen. Hiertoe kan separaat een planschadeclaim worden ingediend.
Het gaat nu niet meer om een buurtactie, maar om individuele bezwaren van belanghebbenden. Het is zuur om te moeten constateren dat een klein aantal mensen dit aangrijpt om het proces dat in 2006 is doorlopen nog eens over te doen. Daarmee wordt de waarde van de democratische besluitvorming niet onderkend. In mijn optiek hebben wij zorgvuldig gehandeld, en zullen de bezwaren slechts tot uitstel leiden ten nadele van alle belanghebbenden die wel met smart op de nieuwbouw zitten te wachten.
De planvorming rond Handy is toch een ander verhaal. Hier is sprake van een particulier initiatief op een particulier eigendom. Aangezien er minder een maatschappelijk belang bij een dergelijke ontwikkeling speelt, gaan wij dan uit van een regierol voor de gemeente. We leggen dan bewust het initiatief neer bij de ontwikkelaar. U zult zelf ook het initiatief in handen willen houden als u een aanbouw van uw woning wilt realiseren. Er is in principe een meer toetsende rol voor de gemeente weggelegd, waarbij de ruimtelijke aanvaardbaarheid van functie en volume de hoofdrol speelt.
Door het vorige college (waar ook het CDA deel van uitmaakte) is een toezegging voor medewerking gedaan om op deze locatie woningbouw te ontwikkelen. In het voorjaar van 2006 werd ik daardoor geconfronteerd met een nieuwbouwplan met een forse omvang, dat voorzag in de sloop van het Handy-pand. We hebben daarop op drie lijnen ingezet:
o Onderzoek naar de mogelijkheid van handhaving van het Handy-pand vanuit cultuurhistorische motieven.
o Mogelijk behoud van de monumentale rode beuk.
o Voorafgaand aan de planontwikkeling een helder ruimtelijk kader opstellen waar we de ontwikkelaar aan gaan houden .
Dit heeft geresulteerd in een (deels publieke) discussie over de behoud van het Handy-pand. De ontwikkelaar heeft ons kunnen overtuigen van de onhaalbaarheid van behoud. We hebben daartoe ook zelf een inspectie van het pand gehouden, en de ruimtelijke en financiele onderbouwing van de ontwikkelaar degelijk onderzocht.
De rode beuk kan worden behouden.
De ruimtelijke onderbouwing is ruim een jaar gelden opgesteld en aan de omwonenden en de gemeenteraad ter kennisname toegezonden. Het is daarom wel merkwaardig dat er nu pas politiek op gereageerd wordt, waarbij oude toezeggingen blijkbaar niet meer gelden.
De voorlichtingsbijeenkomst heeft ook voor ons belangrijke informatie opgeleverd. Ook al heft de ontwikkelaar inmiddels een aanvraag ingediend, de formele procedure is nog niet gestart. Het is nu eerst aan het college om de reacties van omwonenden goed te wegen. Daar zullen we zeker ons best voor doen.
En of er nog een filantroop opstaat die het pand weet te behouden? Ik heb daar twee jaar geleden al om geroepen, dus veel verwachtingen heb ik wat dat betreft niet. Maar mijn zegen heeft hij.
Geen reacties