De krant die je leest van A tot Z
Vrijdag 17 April, 2026
Deze post is bekeken 159 keer.

woensdag 10 mei 2006

Nieuws:

Anda Kerkhoven is niet vergeten

Door: Redactie

Aan de Oosterbroekseweg in Harenermolen, een landelijk zandpad, verwijst een bordje naar het gedenkteken voor Anda Kerkhoven. Wie was zij?Een lezer van onze krant vroeg ons om informatie over de achtergronden van het monument, een steen met tekst. Hieronder zetten we de feiten op een rij:

Plaats
Oosterbroekweg
Haren (gemeente Haren), Groningen
Onthulling
3 mei 2003

Het monument is geplaatst op het zandpad Oosterbroekweg op de grens van de gemeentes Haren en Glimmen.
Informatie afkomstig uit het tijdschrift Kontakt door Aantreden van juni/juli 2003, uitgegeven door de Nederlandse Vereniging van Ex-politieke Gevangenen uit de Bezettingstijd.

Beschrijving

Het monument voor Anda Kerkhoven in Haren is een gedenksteen.
De tekst op de gedenksteen luidt:

‘WIJ GEDENKEN HAAR DIE HET
LEVEN INNIG LIEFHAD EN RESPECTEERDE.

ANDA KERKHOVEN
10 APRIL 1919 – 19 MAART 1945

OP DEZE PLAATS DOOR DE VIJAND OMGEBRACHT.’

Geschiedenis

Het monument voor Anda Kerkhoven in Haren is opgericht ter nagedachtenis aan de verzetsvrouw die op 19 maart 1945 op deze plek werd doodgeschoten door Nederlandse handlangers van de Sicherheitsdienst.
Anda (Melisande Tatiana Marie) Kerkhoven werd geboren op 10 april 1919 in het Franse Saint Cloud als de derde dochter in het gezin van acht kinderen van Adriaan Kerkhoven en Constance Bosscha. Deze zeer welgestelde familie heeft haar sporen in de Nederlandse literatuur achtergelaten. Anda is grotendeels in het voormalige Nederlands-Indie opgegroeid, op de thee- en rubberonderneming ‘Panoembangan’ van haar vader. In het afgelegen en woeste gebied op West-Java ontwikkelde Anda een grote liefde voor de natuur. Haar invoelingsvermogen met alle levende wezens deed haar tot het vegetarisme overgaan. Ook kwam zij in conflict met haar vader, die een fervent jager was.

Nadat zij haar schoolopleiding aan het Christelijk Lyceum in Bandoeng had voltooid, ging ze medicijnen studeren aan de Medische Hogeschool in Batavia. Omdat zij hier geen dispensatie kon krijgen voor de vivisectiepractica, vertrok Anda in 1938 naar Nederland om haar studie aan de Rijksuniversiteit Groningen (die wel dispensatie verleende) voort te zetten. Gedreven door idealisme schreef Anda in november 1938 haar eerste ingezonden artikel in het studentenblad Der Clercke Cronike over de ‘morele waarde der wetenschap en de plaats van de mens’. Uit deze eerste bijdrage bleek dat Anda, anders dan veel medestudenten, de gebeurtenissen in Duitsland nauwlettend volgde. Zij noemde ‘de Jodenvervolging (in Duitsland) die door de meerderheid van de bevolking wordt goedgekeurd’ een gevolg van ‘massakrankzinnigheid’. Haar artikel eindigde zij met een zin die haar latere handelen zou bepalen: ‘Wat niet mag, mag niet, welke de prijs ook zij!’ Vlak voor het uitbreken van de oorlog schreef Anda haar laatste artikel in het blad dat eindigde met een bijna profetische zin: ‘Wie zijn leven kan wagen voor de militaire verdediging, kan het ook wagen voor de pacifistische.’

Begin 1945 sloot Anda zich aan bij de verzetsgroep ‘De Groot’. Het socialistische en pacifistische karakter van deze beweging sloot aan bij haar eigen overtuigingen. De groep hield zich vooral bezig met vervalsingen van bonkaarten en identiteitspapieren voor onderduikers. Anda droeg onder andere zorg voor de distributie van deze vervalste papieren. Tevens schreef ze illegale vlugschriften over naastenliefde en moreel juist handelen, die zij zelf vermenigvuldigde en via de brievenbussen verspreidde. Een bewaard gebleven brief getuigt van haar liefde voor de natuur, maar meer nog van haar persoonlijke verantwoordelijkheidsgevoel voor alle levende wezens: ‘Graag zou ik eindeloos vertoeven in het paradijs van ongerepte natuur, maar ik kan en mag de slachtoffers daarginds niet aan hun lot overlaten. Dan ga ik weer naar de stad en protesteer tegen de armoede, de onderdrukking en de kleinzielige onderlinge afgunst en agressie.’

Nadat de verzetsleiders Dinie Aikema en Gerrit Boekhoven waren gearresteerd, is vrijwel de hele groep ‘De Groot’ opgerold. Op 27 december 1944 arresteerde de Sicherheitsdienst Anda Kerkhoven in het huis van de familie Hendriks. Anda werd in het Scholtenhuis te Groningen aan zware martelingen onderworpen, maar bleef zwijgen. Op 19 maart 1945 werd zij samen met Dinie Aikema op de landelijke Oosterbroekweg bij Harenermolen doodgeschoten en aldaar begraven. Op 22 juni 1945 werden haar opgegraven stoffelijke resten ter aarde besteld op de Noorderbegraafplaats. In 1967 werd zij herbegraven op de erebegraafplaats Loenen.

Het monument is onthuld op 3 mei 2003 door Vincent Kerkhoven, een neef van de omgekomen verzetsvrouw. De oprichting van het gedenkteken was een initiatief van de heer Klaas Drenth en mevrouw Rieneke Pisuisse-Ekkelenkamp, beiden lid van het 4 mei Comite Haren. Tijdens de onthullingplechtigheid heeft de heer Drenth een toespraak gehouden, waarin hij het volgende zei: ‘De natuur is onverschillig voor de spelingen in het lot van mensen. Toch, de geschiedenis van de mensen trekt haar sporen door het landschap en wij als mensen willen die sporen een teken geven. En zo plaatsen wij voor Anda een steen, zo geven wij haar een plaats in de keten van hen die met hun leven de ander zoeken, toen, nu en straks. Zo plegen wij verzet tegen de stroom van de vergankelijkheid en krijgt verzet een gezicht.’

Geen reacties

Wilt u reageren?




Wij plaatsen alleen inhoudelijke reacties. Reacties met voornamelijk slogans en kreten worden niet gepubliceerd.