De krant die je leest van A tot Z
Zaterdag 16 Mei, 2026
Deze post is bekeken 467 keer.

vrijdag 02 juli 2021

Nieuws:

Oude glorie: Deze maand Rijwielhandel Oostmeijer, Rijksstraatweg 124, Haren Van 1939 tot 1978

Door: Redactie

Jacob Oostmeijer speelt de hoofdrol in dit verhaal, dat we kunnen reconstrueren met hulp van zijn zoon Johan in Nijkerk. 

Oostmeijer was op jonge leeftijd al een echte ambachtsman, met een grote voorliefde voor metaalbewerking. Hij was nog maar 26 jaar toen hij in Haren zijn geluk ging beproeven en een eigen rijwielzaak begon. Het was 1939, een moeilijke tijd met oorlogsdreiging. Aan de Rijksstraatweg 116 (inmiddels afgebroken) huurde hij een woning met werkplaats en begon met een vrijwel lege portemonnee. Zijn vrouw Pietertje werkte als huishoudster en legde wat spaargeld in, zodat Jacob gereedschap kon aanschaffen. In de oorlogsjaren was er schaarste en daarom maakte hij zelf mallen om fietsframes te kunnen maken. Hij had een kolenstookplaats en als het metaal eenmaal oranje opgloeide kon hij het met kopersoldeer  solderen. Zo worstelde Oostmeijer zich door de magere jaren heen. 

Metalen meubels
Niet lang daarna verhuisde hij naar huisnummer 124, waar het gezin ook weer bij de zaak kon wonen. Hij bouwde zelfs meubels van metaal, waarmee het huisje betaalbaar kon worden ingericht. Het gezinsleven mengde zich met de zaak en zijn vrouw Pietertje bestierde het piepkleine winkeltje. Als een klant interesse toonde om een fiets te kopen werd Jacob erbij gehaald. Inmiddels was Gosse Nijboer partner in het bedrijf geworden. De twee vakmannen kregen Rijwielhandel Oostmeijer steeds beter aan de draai. Ze kregen een agentschap van Fongers, het merk waar Jacob dol op was (Gazelle vond hij maar niks). Harens klanten kochten nogal eens op de pof, dus Pietertje ging geregeld per fiets door het dorp om kwitanties te bezorgen en geld te innen. Dat was nog niet zo eenvoudig, want veel Harenaars hadden het niet zo breed. Dat wordt geïllustreerd met de anekdote van een jongetje dat de fiets van zijn moeder kwam brengen omdat de band lek was. Oostmeijer zei hem dat plakken geen zin had, omdat de band helemaal was versleten. Hij vertelde aan het jongetje wat een nieuwe band kostte en het joch ging het thuis vragen. Hij kwam terug met een bericht van zijn moeder: “Ik neem de fiets weer mee. Mijn moeder koopt voor dat geld liever brood.” 

Hulpmotor
In de jaren 50 vestigde zich rijwielhandel Oosting tegenover Oostmeijer op huisnummer 105. Dat zou een grote concurrent worden en dit werd heel duidelijk toen er werd geëxperimenteerd met nieuwe technieken: fietsen met hulpmotor. Oosting introduceerde in Haren de Lohmann-fietsen met een dieselmotortje. Oostmeijer koos evenwel voor Cinamech met een naafmotortje. Beiden haperden vaak en Oostmeijer stapte daarom over op Victoria, die veel betrouwbaarder was. 

Op weg naar het einde
Het overlijden van Gosse Nijboer was de voorbode van grote veranderingen. In Haren hadden zich inmiddels meer fietsenzaken gevestigd, zodat je in de jaren 70 kon kiezen uit Oostmeijer, Roelfsema en Alberts. Daar kwam later Rijwielservice Oosterhaar nog bij. Jacob Oostmeijer besloot de zaak in 1978 op te heffen, het jaar waarin hij 65 jaar zou worden. Hij kon toen terugkijken op bijna veertig jaar ondernemerschap, waarin hij hard moest werken voor weinig. Met zijn vrouw Pietertje verhuisde hij naar de Zwanebloemweg en was blij met zijn herwonnen vrijheid. Zijn zoon Johan zegt achteraf: “Het werd de gelukkigste tijd van hun leven. Ze maakten uitstapjes, vaak in de natuur van Drenthe en ze hadden het goed.” In 1993 vierde Jacob Oostmeijer zijn tachtigste verjaardag en het werd een feestje waarbij veel werd gelachen om 1001 herinneringen uit zijn lange leven. Symbolisch genoeg overleed hij vier dagen later volkomen onverwacht aan een hartstilstand. Zijn vrouw Pietertje werd 98 jaar en overleed in 2006. Zoon Johan koestert de herinneringen aan de zaak van zijn vader en vooral aan zijn jeugd in Haren, dat toen nog een eenvoudig dorpje was.

1 reactie

Truida zegt:

wat een leuk stuk! pure nostalgie. wil graag iets toevoegen:de woonkamer beneden werd later etalage en wij woonden,leefden dus als gezin of in de keuken of b oven op de grote slaapkamer, die als woonkamer werd ingericht. onze moeder vond dat altijd vreselijk, we hadden maar een heel klein raampje en moesten op een stoel staan om naar buiten te kunnen kijken. ik heb een keer een hele rij fietsen in de winkel omgegooid….niet best dus. wij hadden een fijne jeugd, ondanks dat er weinig geld was. wij hadden prima ouders!!!!

Wilt u reageren?




Wij plaatsen alleen inhoudelijke reacties. Reacties met voornamelijk slogans en kreten worden niet gepubliceerd.