Gesprek op het bankje met: Sinterklaas
Foto: Yvonne Flikkema-Arents
Wat een geluk, zo kort voor de grote intocht in Haren lopen we Sinterklaas tegen het lijf, op verkenning in ons dorp. Sinterklaas, u bent altijd in touw, waar haalt u op uw leeftijd de energie vandaan? Antwoord: “Oeps, die vraag moet je me niet stellen, Hein. Want dan ga ik daarover nadenken en het is nu juist de kunst om er geen verklaring voor te zoeken, doch het gewoon te doen.”
Heeft u weleens een blunder gemaakt, waar u spijt van had? Antwoord: “Ja, ik kwam eens een oude man met een jong kind tegen. Ik flapte eruit: ‘Ben je gezellig aan het wandelen met opa?’ Nou dat was een misser. Het was een vader, die al met zijn derde huwelijk bezig was en inmiddels 7 kinderen had. Ik heb ervan geleerd niet voor mijn beurt te praten of in hokjes te denken. O ja, en aan een gezette dame niet vragen wanneer de baby komt. Was ook al zo’n flater van mij..”
Hoe heeft u de discussie over Zwarte Piet ervaren? Antwoord: “Ik ben in de afgelopen 60 jaar veranderd. Ik noemde Zwarte Piet vroeger inderdaad ‘mijn knecht’. Zo voel ik het allang niet meer. Vroeger bewapende ik mij met een zak om kinderen in te doen, zakjes zout en een roe om te slaan. Ik ben er allang achter dat ik dat allemaal niet nodig heb om mijn werk te doen. Ik wil vreugde brengen en geen verdriet. Als je dan merkt dat die zwarte kleur mensen verdrietig maakt, dan is de keuze snel gemaakt: roetveeg.”
Wat eet u graag? Antwoord: “De schrijver Godfried Bomans, allang niet meer onder ons, heeft me eens laten proeven van een bordje opgewarmd drop. Nou, da’s lekker zeg.”
Waarom bent u nog steeds zo populair bij kinderen? Antwoord: “Om te beginnen vind ik zelf dat ik er altijd erg mooi uitzie, maar dat is de verdienste van mijn kleedster, Layla. Privé ben ik een onopvallende oude bisschop, maar als ik bij haar ben geweest, ben ik Sinterklaas! Een tweede reden dat kinderen van mij houden is dat ik (zoals dat heet) ‘geen vlieg kwaad zou doen’. Ik ben niet boos te krijgen en dat wordt door kinderen gewaardeerd.”
Welk liedje vindt u mooi? Antwoord: “Ik zal een keuze maken: ‘Als je overmorgen oud bent’ van een zanger van lang geleden: Jules de Corte. Dat liedje verwoordt zo mooi de vragen die ik ook heb: wat wordt de plot van mijn leven? Als ik later in Westerholm of De Dilgt woon; zullen de daar dan goed voor mij zorgen?”
Wilt u nog iets zeggen tegen de lezers van deze krant? Antwoord: “Ja, kijk wat minder op je beeldscherm en wat meer uit je raam. Dat is de echte wereld waarin je leeft. Lever liever daar je bijdrage aan dan commentaar te geven op een wereld ver weg. Klinkt dat wat cru? Sorry.”
Wat betekent de Dorpskerk van Haren voor u? Antwoord: “De Dorpskerk is voor mij het beginpunt van Haren. De kerk was er al toen Haren nog nauwelijks bestond. De kerk heeft meer meegemaakt dan wij allemaal samen. Lief en leed van Haren is gewoon meegebakken in die prachtige stenen. En binnen is mijn werkkamer, waar ik mij verbonden voel met God, maar vooral met de kinderen die me hier ieder jaar bezoeken.”
Dank u wel Sinterklaas. Antwoord: “Graag gedaan. Nog één ding: ga uit van het goede in de mens en geef iedereen het voordeel van de twijfel. Dag hoor!”

1 reactie