Column Bert Heikens, huisarts te Haren (november 2023)
Onvergetelijk
Gek is het eigenlijk dat je soms volledig nietszeggende details onthoudt van vroeger. Zo sprak ik onlangs een collega die samen met mij als coassistent was begonnen in het voormalige RKZ aan de Van Swietenlaan, nu het Martiniziekenhuis. Misschien weet u het nog, de groene tapijten in de gangen. Ze waren voor die tijd opzienbarend. Zij vertelde dat ze zich nog haarfijn de deurklinken kon herinneren, bijvoorbeeld van de toiletten. Ik op mijn beurt weet me nog haarfijn de beddenlift te herinneren in het naburige Diakonessenhuis (inmiddels staat er nu een woonwijk). Ik werkte daar als arts-assistent, in het begin van mijn carrière. Ik herinner me de knopjes en het geluid van de sluitende liftdeuren. De korte vertraging nadat de deuren waren gesloten, de klik en daarna het vertrekken van de lift. Vele malen in de avond- en nachtdiensten heb ik in die lift gestaan, onderweg naar een zieke patiënt op een afdeling of terug naar beneden naar de spoedeisende hulp. Merkwaardig dat we ons allebei deze totaal irrelevante details herinnerden. Of, zo bedacht ik mij, heeft deze tijd in het ziekenhuis meer indruk op ons gemaakt dan we dachten? Als coassistent of arts-assistent werd je in die tijd niet echt voorbereid op een periode in het ziekenhuis. Je werd gewoon op een afdeling geplaatst of op spoedeisende hulp en je ging gewoon aan het werk. Je had alleen je zakboekjes bij je en je kennis uit de leerboeken. Gelukkig werd je door ervaren verpleegkundigen goed begeleid. Zij sleepten je er wel doorheen. Maar er waren ook de heftige zaken, de eerste keer schouwen van een overledene of de obductie van een patiënt die je dagen ervoor nog had gesproken op de afdeling. Een reanimatie, kinderen die ernstig ziek waren. Mijn tijd in het Diakonessenhuis en het RKZ, in al zijn heftigheid en kleine details, zal ik nooit vergeten.
Geen reacties