Column Hein Bloemink – maart 2022
Brief
“Lieve pa en ma, ik heb jullie sinds jullie dood in 1999 en 2006 niet meer gesproken. Maar ik moet jullie vertellen dat de oorlog weer heel dichtbij is gekomen. Ik denk vaak aan jullie verhalen, die ik hoorde als kind. Pa, hoe je op 10 mei 1940 in de vroege ochtend in de kazerne in Scheveningen werd gewekt met de kreet: “De moffen zijn begonnen, ze schieten als de kolere!”. Hoe je die dag met je karabijn (bouwjaar 1917) bij Ypenburg in een greppel lag te wachten op Duitse parachutisten, bang om mensen te moeten doodschieten. Hoe je in Rotterdam was vlak na de bommen. Ma, ik weet nog hoe je verstijfde van angst bij zoemende vliegtuigen in de nacht en die angst zou je nooit meer kwijtraken. En hoe pa werd opgehaald voor de Arbeitseinsatz, maar door de achterdeur vluchtte om onder te duiken. Ma, je zette je pasgeboren baby (mijn broer) in de haard, want de schoorsteen was (hoopte je) bestand tegen bommen. Ik weet nog hoe jullie vertelden over honger en schaarste. Over haat tegen de bezetters. Ik wil toegeven, dat het voor mij verhalen waren uit een andere wereld. Ik heb als kind van de jaren 60 en 70 geleerd dat zoiets nooit weer kon gebeuren. En nu is er dus toch weer een ‘Hitler’ opgestaan, hoewel jullie die niet kennen: Poetin. En weer hebben we het laten gebeuren. En wat ik zo erg vind, pa en ma: er ontstaan nu in Oekraïne weer trauma’s, die generaties lang voelbaar zullen zijn. Pa en ma, jullie zeiden altijd: ‘dit mag nooit meer gebeuren, zorg ervoor!’. En nu gebeurt het 1400 kilometer verderop tóch. Sorry, pa en ma, dat onze generaties niets hebben geleerd van toen. Liefs. Jullie zoon.”
1 reactie