De krant die je leest van A tot Z
Vrijdag 22 november, 2019

zaterdag 02 november 2019

Nieuws:

Verklaringen van slachtoffers en daders Haren maken duidelijk hoe ernstig het was

Door: Redactie

De rechtbank heeft de zaak tegen twee van de drie Harense straatrovers aangehouden en wil psychologisch en psychiatrisch onderzoek alvorens een straf plus behandeling op te leggen. Nu de rechtbank de verklaringen van slachtoffers en daders openbaar maakt wordt temeer duidelijk hoe ernstig het geweld en de bedreiging waren tijdens de straatroven op het Westerveen. Niet alleen is er geschopt, geslagen en gedreigd, maar er zijn ook boksbeugel en een mes gebruikt om  slachtoffers te dwingen de pincode van de bankpas af te geven. Hieronder achtereenvolgens de verklaringen van slachtoffers en verdachten van de straatroven 23 en 27 april 2019. Locatie: Westerveen Haren

Straatroof 23 april

(zoeken naar weggegooide buit)

Verklaring slachtoffer 23 april (straatroof door twee daders)
Op dinsdag 23 april 2019 reed ik op mijn fiets in de richting van Haren. Ik fietste op de Westerveen. Ineens voelde het alsof er iemand tegen mij aanfietste. Ik zag dat het twee personen waren. Ik kan de personen als volgt omschrijven:
Man 1: Sprak Nederlands zonder accent, hield mijn mond dichtgedrukt.
Man 2: Droeg mes bij zich.
Volgens mij heeft man 1 mij besprongen en voor ik het wist lag ik naast mijn fiets. Ik viel naar rechts. Toen ik op de grond lag, lag ik eerst op mijn buik en ben toen omgedraaid naar mijn rug. Man 1 drukte mijn mond dicht waardoor ik moeilijk adem kon halen. Beide mannen zeiden tegen mij dat ik mee moest werken. Ik voelde dat man 2 aan mijn broekzakken zat en op zoek was naar mijn portemonnee. Ik hoorde dat ze beiden zeiden dat ze mijn portemonnee wilden en mijn mobiele telefoon. Ik zei tegen hun dat ik die niet af wilde geven. Man 1 begon mij op mijn rug te slaan, ik voelde stompen in mijn rug en ik voelde daarbij pijn in mijn rug. Ik zag dat man 2 een mes vasthield en dat hij het mes ter hoogte van mijn been hield. Ik zag dat de man stekende bewegingen maakte bij mijn been. Ik zag ook dat man 2 het mes bij mijn gezicht hield. Ik heb mijn telefoon toen onder dwang afgegeven. Na het afgeven van mijn telefoon, fietsten de daders richting Glimmen. Ik kan het mes omschrijven als een soort dolk van ongeveer 25 centimeter. Letsel gezicht: op de wang en boven de mond lijkt afkomstig van nagels bij het dichtdrukken van de mond. Bovenlip licht gezwollen.

Verklaring verdachte 1 uit Haren
Ik was met [verdachte]. Ik liep op de man af en tackelde hem. Ik had dezelfde kleding aan als bij het incident waar we het juist over hebben gehad. (De rechtbank begrijpt: de straatroof van 27 april 2019) Ook dezelfde muts, handschoenen en schoenen. De schoenen heb ik aan iemand anders meegegeven omdat deze schoenen bewijsmateriaal zijn. [verdachte] had zwarte kleren aan. (…) Het plan kwam van mij. (…) Nadat ik de man getackeld had en we samen op de grond lagen, zei ik tegen de man: “Geld, geld.” De man gaf zijn zwarte portemonnee. De man wilde zijn telefoon niet afgeven. Op een gegeven moment werd [verdachte] boos. Hij begon de man te slaan. (…) Ik zei tegen hem dat als hij gewoon geld zou geven, dat er dan niets aan de hand zou zijn. Het was een zwarte of bruine leren portemonnee die je open kan klappen. Er zat contant geld in en nog wat meer pasjes. Het geld hebben we verdeeld. [verdachte] heeft de telefoon gehouden. Het klopt dat ik de mond van het slachtoffer heb dichtgedrukt. Het klopt wel dat [verdachte] een mes pakte. [verdachte] had het mes bij zich. Dit was van te voren overlegd. Ik wist in ieder geval dat [verdachte] op die avond een mes bij zich droeg. Hij had mij verteld dat hij dit alleen als het nodig was ging gebruiken. En met gebruiken bedoelde hij het dreigen met het mes. (…) Wij hebben allebei de zakken van aangever doorzocht.

Verklaring verdachte 2 uit Haren
Het was na het bankje, richting Glimmen. We zouden de eerste beste volwassen persoon pakken. We fietsten naast de man. Ik fietste links van de man en [medeverdachte] rechts van de man. Ik zag dat [medeverdachte] opeens de man besprong, hierdoor botste de man tegen mij en vielen wij op de grond. Ik lag op de grond en ik hoorde een geschreeuw en toen ik keek zag ik [medeverdachte] op de man. Ik hoorde de man uit angst schreeuwen. [medeverdachte] zat boven op de man en ik ging er naar toe. Ik had een mes getrokken en eiste zijn spullen. De man weigerde en toen gaf ik hem een trap en toen gaf hij zijn portemonnee af. Toen hij het mes zag, gaf hij de spullen af. Ik had een uitklapbaar mes waarmee ik hem bedreigde. Toen ik hem met het mes bedreigde, zei ik: ‘Geef me je spullen.’ De man gaf zijn spullen aan mij. Ik probeerde het zelf eerst uit zijn zak te pakken. Dat lukte mij niet maar dit was nog voor dat ik het mes had getrokken. Toen ik eenmaal het mes had getrokken, bood de man geen weerstand meer. Nadat ik de telefoon en een portemonnee had gekregen, zijn wij vertrokken. In de portemonnee zaten geld en pasjes, pinpassen, rijbewijs. [medeverdachte] had het geld mee naar huis genomen. We gingen die man beroven omdat we geld moesten hebben. Om niet gepakt te worden, hebben we bewijs vernietigd. Het kan kloppen dat het is gebeurd op dinsdag 23 april 2019 tussen 22:55 uur en 23:15 uur. We hadden een plan. We wilden iemand beroven op die plek. We fietsen gewoon in die richting en als we een persoon tegenkwamen dan zouden we die bespringen. Ik had een grijze Nike joggingbroek aan, zwarte schoenen en een zwarte jas. Ik droeg dezelfde grijze handschoenen die ik ook bij de beroving erna droeg. Ik had een mes bij me. Die is van mij en heb ik al heel lang.

Straatroof 27 april
(opname Opsporing Verzocht)

Verklaring slachtoffer 27 april (straatroof door drie daders)
Zaterdagavond 27 april 2019 fietste ik van mijn werk in Groningen naar huis. In Haren nam ik het fietspad richting Westerveen. Kort na passeren van het zwembad zag ik op afstand een persoon op het fietspad staan, die richting het daar gesitueerde bankje bewoog. Op het moment dat ik ter hoogte van het bankje reed, zag ik een persoon van links op mij af rennen. Ik werd meteen van de fiets geduwd naar de rechterzijde en ik werd ten val gebracht. Dit ging met kracht. Ik lag meteen op de grond en werd besprongen. Een persoon duwde zijn hand met kracht tegen mijn mond en neus. De lucht werd mij ontnomen. Ik lag op mijn rechter zij. Ik kon mijn armen niet vrij bewegen. Ik werd in bedwang gehouden en mijn hoofd werd met kracht tegen de grond gehouden. Er werd geroepen: “Geef ons al je spullen, alles wat je hebt!” Een andere persoon zat op mijn benen. Ik voelde dat mijn zakken werden doorzocht en hoorde dat er werd gezegd: “De pincode, geef ons de pincode!” Ik krabde met de nagels van mijn rechterhand langs de kin van de persoon die mijn hoofd in bedwang hield. Zijn hoofd was namelijk vlakbij mijn hoofd. Deze man had een bivakmuts op met gaten voor beide ogen. Ik werd vervolgens verschillende malen door een derde persoon met kracht tegen mijn rug en bovenbeen geschopt. Dit gaf hevige pijn. Ondertussen werd geroepen dat ik mijn pincode moet geven. Dan vermindert de kracht van de greep op mij. Ik kon opstaan. Ik zag drie personen. Ik zag dat één van hen mijn fiets met fietstas pakte. Ik zei: “Ik wil mijn fiets”. Een andere persoon zei weer: “Meneer geef ons uw pincode”. Ik zag dat die persoon naar het bankje liep en zag dat hij een mes van het bankje pakte. Qua formaat betrof het een vleesmes. Het mes is donker van kleur en had een lemmet van circa 25 à 30 centimeter. Hij kwam op mij af met het mes in de rechterhand en met de punt van het mes naar mij gericht. Hij was enkele meters van mij verwijderd en ik liep achteruit. Hij en de persoon die niet bij mijn fiets stond, renden naar mij toe. Ik rende vervolgens weg over het fietspad in de richting van de kassen van Reinhart Orchideeën. Na ongeveer 50 meter te hebben gerend, zag ik over mijn schouder kijkend, dat de persoon met mes stopte met rennen en dat andere man enkele meters later stopte met rennen. (…)
Ik merkte toen dat mijn hand onder het bloed zat en ik voelde dat er bloed van mijn hoofd in mijn nek stroomde. Aan mijn ribben aan de rugzijde en linkerzijde voelde ik veel pijn. In het ziekenhuis is de wond op mijn hoofd met 8 hechtingen gedicht. De drie daders droegen donkere kleding en donkere bivakmutsen. Ik heb de indruk dat dit niet de eerste keer was voor de daders. Er werd georganiseerd samengewerkt en er werd onderling niet gesproken.

Verklaring verdachte 1 uit Haren
Ik en de andere jongens hadden zwarte kleding aan. We stonden te wachten op een voorbijganger bij het bankje. Het heet daar Westerveen. De man fietste langs mij en toen sprong ik tegen zijn linker zijkant. Ik sprong tegen de man aan met mijn armen om hem heen. Ik nam hem mee in mijn sprong. Toen begon hij gelijk te schreeuwen en toen deed ik mijn hand over zijn mond heen. Ik was niet de enige die schreeuwde om geld. De anderen riepen ook om geld. Hij probeerde het masker van mijn hoofd af te halen. Ik had een ski muts op. Alleen mijn ogen en neus waren zichtbaar. Vlak voor we er heen gingen, heb ik mijn muts bij mij thuis opgehaald. De andere twee hebben thuis mutsen gehaald. Ik had de man vast, iemand pakte de portemonnee uit de zak van de man. Die haalde briefgeld uit de portemonnee en gaf het geld aan mij. Ik was daar met [verdachte] en [naam 1]. We hebben dit met ons drieën bedacht. Het kan zijn dat de anderen een mes bij zich hadden. (…) [verdachte] heeft de fiets van het slachtoffer gedumpt. Daarna zijn we samen naar de plek gegaan waar de fiets was gedumpt. Toen heb ik mijn jas verbrand. We hebben de fietstas ook ergens gedumpt. Ik heb een briefje van 10 en een briefje van 20 uit de portemonnee van het slachtoffer gekregen. [verdachte] vertelde dat hij de telefoon daar in de buurt van het incident had weggegooid. We droegen alle drie handschoenen. (…) Het ging om het geld. Dat er werd gezegd: “De pincode, geef ons de pincode!” klopt wel. Degene die de fiets pakte, dat ben ik. Het was sowieso de bedoeling dat we de fiets mee gingen nemen. Dat spraken we af op het moment dat wij bij het bankje op iemand stonden te wachten. (…) Het geld van de buit hebben we uitgegeven.

Verklaring verdachte 2 uit Haren
Ik was aanwezig bij de straatroof in Haren. We bedachten het idee om iemand op straat te beroven. Het was in Westerveen. Het kan kloppen dat het april was. Wij waren met zijn drieën. Het plan was al van tevoren afgesproken. En toen vertelde [medeverdachte] dat hij al een straatroof had gedaan. Toen zei hij dat het beter was dat wij dit ook gingen doen. Ik ging akkoord met het plan. Hij had de vorige keer eigenlijk niet zoveel buit. Toen we dit plan bedachten, waren alleen ik en [medeverdachte] er bij. Later kwam [naam 1] er bij. We wilden geld maken. We dachten die plek Westerveen is een goede plek, daar is nauwelijks iemand. We gooiden die persoon van de fiets af. Daar was niemand die het kon zien. Ik heb de vluchtweg bedacht. [medeverdachte] had de plek bedacht. [naam 1] stelde zelf voor om op de uitkijk te staan. Over de kleding spraken we af ‘trek de zwartste outfit aan die je hebt’. Ik heb zelf ogen geknipt in een normale zwarte muts. Die muts heb ik een tijdje geleden verbrand. [medeverdachte] had een soort bivak met een groot gat ter hoogte van zijn ogen op zijn hoofd. [naam 1] had een soort van sjaal voor zijn hoofd en hij had een capuchon op. Ik had handschoenen aan maar die zijn ook verbrand op hetzelfde moment als de muts. [naam 1] en [medeverdachte] hadden ook handschoenen aan. We hadden handschoenen aan omdat je dan geen DNA achterlaat. We hadden [naam 1] nodig omdat we eerst een heel ander plan hadden. We wilden de pinpas afpakken. Twee zouden dan bij het slachtoffer blijven en de andere zou naar het dorp gaan om te pinnen. (…) Het zou een willekeurig persoon zijn. Als het een kind of een oude vrouw zou zijn of een opa dat wilden we niet. Dat hadden we afgesproken met elkaar. (…) We zagen alle drie die persoon aankomen. [medeverdachte] sprong op die fietser. Hij besprong hem gewoon letterlijk van de zijkant. De fietser viel en [medeverdachte] ook. Ik trapte met mijn rechterbeen tegen de ribbenkast van het slachtoffer. [medeverdachte] had de man vast en graaide in het slachtoffer zijn zakken en drukte dat in mijn hand. [medeverdachte] fietste daarna weg in de richting van Haren. Ik heb gezien dat [naam 1] tegen het hoofd trapte van het slachtoffer. Hij heeft 1 keer getrapt. Daarna stond het slachtoffer op. Ik heb tegen die man gezegd: “Geef die code, geef die code.” Daarna rende het slachtoffer weg. Ik had een mes in mijn handen toen we achter de man aanrenden. Ik heb er alleen mee gedreigd. Ik had het mes op het bankje gelegd. Ik had gehoopt door het mes vast te houden dat hij mij de pincode zou geven. [naam 1] rende op dat moment ook achter het slachtoffer aan. Het was een broodmes. Het mes kwam uit het huis van [medeverdachte]. Het was [medeverdachte] en mijn idee om het broodmes mee te nemen. Het zou intimiderend werken. Ik en [medeverdachte] zaten bovenop het slachtoffer.

Verklaring verdachte 3 uit Haren
[naam 1] heeft het slachtoffer met kracht tegen zijn ribben en bovenbeen geschopt. Ik had ook nog geschopt. Het klopt dat ik met een mes op het slachtoffer ben afgerend en dat ik de punt van het mes naar hem heb gericht. [medeverdachte] heeft alles uit de zakken van het slachtoffer gehaald. Ik was ook op zoek maar ik kon niks vinden. [medeverdachte] heeft een boekje (de rechtbank begrijpt: creditcardmapje) en een telefoon uit de zakken gehaald. Ik had de telefoon meegenomen. Ik had die in mijn handen gedrukt gekregen door [medeverdachte]. Ik wilde die telefoon hard resetten en daarna verkopen. [medeverdachte] drukte ook een creditcardmapje in mijn handen. Het mapje heb ik gehouden en de inhoud vernietigd. Er zat € 30,- in. [medeverdachte] heeft het geld gehouden. De fiets is door mij en [medeverdachte] gedropt. De ringsleutel lag in mijn huis.

 

De rechtbank vermoedt complexe stoornissen bij één van de verdachten en wil onderzoek naar mogelijke behandeling en hulp.

 

Bron: www.rechtspraak.nl

 

5 reacties

Bezorgde inwoner zegt:

Dat dit soort jongens nog vrij rond mogen lopen.. waar gaat het heen!? Kattenkwaad oké maar berovingen plegen en daarna vrolijk rond kunnen lopen..? Waarom niet een soort van militair strafkamp oprichten, helemaal terug naar de basis en opnieuw opbouwen!

3 november 2019 om 14:37
Bezorgde inwoner2 zegt:

Sinds de overvallen lopen de daders regelmatig bij sportpark de Koepel rond. Dan staan ze daar een beetje stoer, te roken, elkaar een “boks”geven, op brommers rondrijden. Geen enkele vorm van het vertonen van grief! Stel je voor dat de slachtoffers daar ook rondlopen, wat misschien wel zo is? Of misschien durven de slachtoffers nog steeds niet buiten op straat te komen. Deze knaapjes hebben geen idee wat ze hebben aangericht.
Denk dat TBS de enige optie is om herhaling te voorkomen, hoop dat de rechter dit ook zo beoordeelt.

4 november 2019 om 10:18
Zonnetje zegt:

Ik kan alleen de slachtoffers alle alle goeds toewensen!! Alle hulpverleners slechts wijzen op steeds meer kennis en onderzoek over (huis-, tuin-, keuken) Psychopathie. Deze kennis is nog niet officieel verwerkt in bv de psychologie-opleidingen, laat staan van Politie, Juristen of huisartsen!! Deze verborgen variant kan juist echter ook levensgevaarlijk uitpakken! Uitbraken, vaak na egokrenking, worden niet zelden voor ‘eenmalige’ psychose aangezien….
terwijl het mataglap uitbraken zijn!
De DSM spreekt er niet van in deze strekking, maar heeft het vaak over bv Narcistische Persoonheids Stoornissen. De meer verborgen (sluipend ‘vernietigend naar slachtoffers en zelden herkend zonder gerichte kennis!) of meer openlijke.
De verborgen variant, en daardoor zelden zichtbaar voor de omgeving (vechtscheidingen), komt helaas vaker voor. Beiden vaak in comorbiditeit (tegelijkertijd) met andere stoornissen voorkomend!
(Tip: o.a. Jan Storms, welke ook trainingen geeft aan rechters, advocaten, psychiaters etc. en forum als hetverdwenenzelf.nl voor de omgeving/geïnteresseerden.)
Gelukkig wordt er steeds meer onderzoek gedaan naar deze stoornis, en komt ook hulpverlening langzaam op gang. De daders zijn zelden te behandelen, als (echt gemeend en erkend) Zelfinzicht en Geweten ontbreekt.

4 november 2019 om 12:23
Zonnetje zegt:

Naschrift:
Dat deze levensgevaarlijke knapen (wàt een ‘rol’modellen voor hun leeftijdgenoten..) nog gewoon rond mogen lopen en kennelijk trots zijn op hun gedrag en geen spijt betonen (dus geen Zelfinzicht, noch Geweten) is een Godspe. Justitie had mi.i. allang op de hoogte kunnen zijn en moeten ingrijpen! De overheid, Justitie meer specifiek, blijft hier dus in gebreke met het beschermen van de burgers i.h.a.. Dat is strafbaar, zeer verwijtbaar en laakbaar.

De overheid is in dienst van het volk, en wordt betaald uit onze belastinginkomsten….
Moeten er eerst nog meer slachtoffers vallen, voor men zich daar Bewust wordt wie hun salaris betaalt?!

4 november 2019 om 14:35
Q zegt:

@Bezorgde inwoner2 hoe weet u zo zeker dat het hiero om de daders van de overvallen gaat en het niet gewoon hangjeugd is?

4 november 2019 om 16:18

Wilt u reageren?




Wij plaatsen alleen inhoudelijke reacties. Reacties met voornamelijk slogans en kreten worden niet gepubliceerd.