Dossier Straatroven in Haren (deel 2)
En nu verder: Hoe krijgen we ze op het rechte pad? In augustus las u in deel 1 van het tweeluik het verhaal over de aanleiding voor de straatroven. Voorts las u het verhaal van de ouders van één van de overvallers (Floris, zijn naam was gefingeerd). In Haren waren de overvallen tijdelijk ‘the talk of the town’ en bijna iedereen had een mening over de aanpak van de daders. In deze uitgave stellen we de volgende vraag centraal: en nu verder?

Voorkomen dat het gebeurt. Merk je iets aan je kinderen?
Welke signalen kunnen erop wijzen dat er met je kind iets aan de hand is? Systeemtherapeut Wim Smid (foto) uit Paterswolde: “Let op gedragsverandering: zich terugtrekken, minder sociaal contact, moeilijk te bereiken, verandering van stemming, terugval in leerprestaties, verslaving. Verandert de omgang met social media?”
“Straffen alleen is niet genoeg”
Kinderen worden niet crimineel geboren, maar worden vaak door (onbedoelde) verwaarlozing een verkeerde kant op gedreven. In die zin is straffen slechts het begin van de oplossing. Dat is de strekking van het betoog van Huub van ‘t Hek (foto onder).

Huub van ‘t Hek (Het kind eerst), Haren: “De kernkwaliteit van het kind is het spel. Wil een kind gezond kunnen opgroeien, dan moet het lang en intensief kunnen spelen. Het spel is het enige hulpmiddel dat het kind overtuigt van wat kan en niet kan, hoort en niet hoort, mag en niet mag, werkt en niet werkt. Goed ouderschap laat een kind dus spelenderwijs ontdekken hoe de wereld in elkaar zit. Aandacht en controle is een wezenlijk onderdeel van goed ouderschap. Vooral als het kind zijn grenzen gaat verleggen en daarmee zijn spelvormen serieuzere trekjes gaat krijgen. (…) De kinderen hebben “overval” gespeeld en zijn zelf het meest geschrokken van de medewerking die zij van de overvallenen hebben gekregen. Dat was de bedoeling van het spel niet. De bedoeling was, dat zij gecorrigeerd zouden worden. Daartoe krijgen wij alsnog de kans. Door deze jongens te laten zien, dat zij over de grenzen zijn gegaan van wat kan en niet kan, hoort en niet hoort, mag en niet mag, werkt en niet werkt. Dat zij samen met hun ouders elke vorm van schade moeten herstellen en vergoeden. En dat het een wijze les is voor de rest van hun leven.”
Dit is een fragment uit een opiniestuk dat op 18 juni op onze website is gepubliceerd onder de titel: Opinie: Kinderen zijn per definitie niet crimineel.
“Klinisch psycholoog betrekken bij intake”
Wim Smid uit Paterswolde is systeemtherapeut (De Smidse) en heeft naar deze casus gekeken. Hij zegt: “De houding van de ouders is begrijpelijk en vaak is er schaamte omdat de samenleving snel geneigd is om ouders te veroordelen. Tevens is er vaak sprake van frustratie en onmacht bij de ouders omdat ze het gedrag van hun kind niet kunnen begrijpen en/of hen moeilijk kunnen bereiken, misschien ook teleurgesteld in zichzelf zijn omdat ze het niet hebben zien aankomen. De omgeving zorgt vaak voor schuldgevoelens bij de ouders.”
De intake van een ontspoorde jongere is cruciaal en vraagt betrokkenheid van een klinisch psycholoog. Welk soort hulpverlening zou ingezet kunnen worden? Smid: “Het is belangrijk dat bij de intake een ervaren hulpverlener betrokken wordt die een verklaring probeert te vinden voor de overtreding en een behandelvoorstel zal doen. Ik denk dan aan een klinisch psycholoog met kennis van psychiatrie en systeemtheorie. Die moet zich een beeld vormen van de jongere, met aandacht voor kindfactoren, ontwikkeling, gevoelsleven (woede, verdriet, somberheid, eenzaamheid), de sociale omgang en gewetensontwikkeling.” Een klinisch psycholoog heeft een 4-jarige vervolgopleiding gedaan na de opleiding psychologie, en kennis van- en ervaring met psychiatrie en systeembehandelingen.
Smid zegt dat ook het gezin betrokken moet worden bij de hulp. Hij zegt:”Aandacht voor de opvoedingssituatie, relatie van de ouders, eventueel eerdere hulpverlening.” Wim Smid wijst op het belang van de aanwezigheid van een klinisch psycholoog bij de intake. “Dat vergroot de kans dat men naar de juiste hulpverlening wordt verwezen. CJG die sinds de transitie in 2014 verantwoordelijk is voor kinderen tot 18 jaar, Veilig thuis en instellingen als de Raad voor de Kinderbescherming en de voogdij-instellingen zouden eveneens ondersteund moeten worden door een klinisch psycholoog.”
Wat vinden lezers?
Op onze website gingen 224 mensen op de stoel van de rechter zitten. Hoe moet de rechter vonnis wijzen? De combinatie ‘straf-hulpverlening’ scoort het hoogst. Louter taakstraf of hulpverlening worden kennelijk gezien als ‘te soft’.
45x Alleen celstraf
4x alleen taakstraf
54x combinatie taak- en celstraf
6x alleen hulpverlening
115x combinatie van straf en hulpverlening
Wat is een taakstraf?
Per jaar worden ongeveer 30.000 onvoorwaardelijke taakstraffen opgelegd (jaar: 2015). De top 3 bestaat uit vermogensdelicten (33%), gewelds- en zedendelicten (255) en softdrugsmisdrijven (8%). De rechter kan voor een strafbaar feit maximaal 240 uur taakstraf opleggen. Een taakstraf wordt regelmatig opgelegd in combinatie met een andere straf. De rechter kan een taakstraf bijvoorbeeld opleggen samen met een (korte) gevangenisstraf, toezicht van reclassering of boete. In combinatie met een taakstraf is de maximum gevangenisstraf 6 maanden. Het gaat om onbetaald werk voor b.v. een gemeente of zorginstelling. Ook wordt er een passende taakstraf opgelegd, die verband houdt met het delict.
De voordelen van een taakstraf
Door een taakstraf houdt de gestrafte contact met de samenleving en leert hij zelfdiscipline. Dat verkleint de kans dat hij opnieuw de fout in gaat.
Bij een taakstraf is de kans kleiner dat de gestrafte ‘besmet’ wordt door zwaardere criminelen. De gestrafte door het uitvoeren van een taakstraf iets goed maakt voor de samenleving die hij heeft beschadigd.
Hoe pakt de gemeente ze nu aan?
De gemeente heeft na de tumultueuze maanden een groep van 19 jongeren in het vizier (12-23 jaar). Na vernielingen en een vechtpartij aan het Anjerplein kreeg de politie de vermoedelijke daders in beeld en ging in gesprek met hun ouders. Een aantal van deze jongeren was betrokken bij de straatroven. De volgende acties lopen nu:
-jeugdstraatwerk om zicht te houden
-contact met ouders (o.a. met huisbezoeken)
-politie controleert op hangplekken, zoals Anjerplein en Boeremapark, overlast is afgenomen
-BOA’s bekeuren jongeren in overtreding direct
-Training (Min Mee) voor professionals voor omgaan met deze situaties
Conclusie
Het lijkt erop dat de Harense samenleving (inclusief gemeente, politie en hulpverlening) de geweldsgolf onder jongeren heeft geabsorbeerd. Wellicht is hierdoor het verder afglijden van deze jongeren voorkomen. Ze zullen waarschijnlijk later dankbaar zijn, dat zij tot de orde zijn geroepen.
4 reacties